Het achttiende Europese en 21ste Amerikaanse album van The Rolling Stones, Dirty Work, werd op 24 maart 1986 uitgebracht op het Rolling Stones-label, toen onderdeel van CBS/Columbia. Het was het eerste Stones-album dat via deze platenmaatschappij werd gedistribueerd. Dirty Work, de opvolger van Undercover uit 1983, werd uitgebracht op vinyl, muziekcassette en cd.

De opnames vonden plaats in vijf verschillende sessies in de maanden juni, juli, augustus, september en oktober 1985 in de Pathé Marconi Studios in Parijs. De mix werd gedaan in de R.P.M. en de Right Track Studios in New York City. Allemaal onder productionele leiding van Steve Lillywhite.

De relatie tussen Mick en Keith was in 1985 tot een dieptepunt gedaald, vooral omdat Richards van mening was dat Jagger de voorkeur gaf aan zijn solocarrière als popster, met zijn eerste soloplaat She’s The Boss. Dat hun verhouding slecht was, kon de hele wereld zien tijdens Live Aid op 13 juli 1985, toen Mick er een solo-optreden gaf met zijn eigen band (en gast Tina Turner), terwijl Keith samen met Ronnie Wood en Bob Dylan een (dramatisch slecht) akoestisch optreden deed. Jagger was dan ook afwezig bij veel van de opnamesessies voor Dirty Work. Dit gold ook voor Charlie Watts, maar dit had een andere reden: hij leed aan een hevige alcohol- en heroïneverslaving, die ertoe leidde dat hij maar amper drumde op zowel deze plaat als op voorganger Undercover. Zijn werk werd grotendeels overgenomen door sessiedrummers Anton Fig en Steve Jordan, terwijl ook Ron Wood drumde op Sleep Tonight.

De muzikanten op het album zijn allereerst de vijf Rolling Stones: Mick Jagger-zang/backing vocals, mondharmonica; Keith Richards-elektrische en akoestische gitaren, piano, backing vocals en leadzang op Too Rude en Sleep Tonight; Ronnie Wood-elektrische, akoestische en pedal steel gitaren, tenorsax, backing vocals en drums op Sleep Tonight; Bill Wyman-basgitaar, synthesizer en Charlie Watts-drums. Daarnaast deze sessiemuzikanten: Chuck Leavell-keyboards; Ivan Neville-backing vocals, basgitaar, orgel en synthesizer; Jimmy Page-elektrische gitaar op One Hit (To The Body); Bobby Womack-backing vocals, elektrische gitaar op Back To Zero; Philippe Saisse-keyboards; Anton Fig en Steve Jordan-drums, percussie; Ian Stewart-piano; en op backing vocals: Jimmy Cliff, Don Covay, Beverly D’Angelo, Kirsty MacColl, Dolette McDonald, Janice Pendarvis, Patti Scialfa en Tom Waits.

Dirty Work telt tien songs, waarvan er slechts drie door Jagger/Richards zijn geschreven, het laagste aantal songs van The Glimmer Twins op een Stones-album sinds Out Of Our Heads uit 1965. Vier tracks worden toegeschreven aan Jagger/Richards/Wood en eentje aan Jagger/Richards/Chuck Leavell (toetsenist). De andere twee songs zijn covers, de single Harlem Shuffle (door Bob Relf en Ernest Nelson geschreven) en Too Rude (door de Jamaicaanse reggaezanger Lindon Andrew Roberts). Omdat medeoprichter en vaste pianist Ian ‘Stu’ Stewart op 12 december 1985 plotseling overleed aan een hartaanval werd naderhand besloten om een ‘hidden track’ van 33 seconden toe te voegen, een instrumentaal pianofragment van Key To The Highway (van Big Bill Broonzy). Het album werd ook aan Stewart opgedragen: ‘Thanks, Stu, for 25 years of boogie-woogie’. De totale speelduur is 40:03.

De hoesfoto werd gemaakt door de beroemde Amerikaanse fotografe Annie Leibovitz. De originele vinyluitgave had een donkerrood omhulsel (‘shrinkwrapped’). Het was het eerste Stones-album waarvan de songteksten op de binnenhoes waren afgedrukt. Overigens wordt de hoes regelmatig vermeld in lijstjes van slechtste/lelijkste platenhoezen.

Harlem Shuffle was zoals gemeld de eerste single en deze bereikte in diverse landen de top tien, zoals in Nederland (5), België (4), Nieuw-Zeeland (1), Canada (5), Ierland (8), VS Billboard (5) en in het VK was nummer 13 de hoogste notering. De tweede single was One Hit (To The Body) en dit was niet zo’n succes, het was de eerste single in het VK die daar de top 75 niet behaalde. In de VS was nummer 30 de hoogste notering. Beide singles kregen overigens een 12” remix door Steve Lillywhite, wat een langere ‘disco’ versie betekende.

Het album werd een groot verkoopsucces. Nummer één op de albumlijsten werd bereikt in Nederland en Zwitserland, nummer 2 in Australië, Canada, West-Duitsland en Spanje. Nummer 3 in Italië, Nieuw-Zeeland en Noorwegen en nummer 4 in Oostenrijk, Zweden, Verenigde Staten en Groot Brittannië. Gouden platen waren er in ons land, Frankrijk, Duitsland en het VK. Platina was er in Canada en de VS. In 1994 werd het album door Virgin Records opnieuw uitgebracht, geremasterd door Bob Ludwig.

Keith Richards vertelde ooit dat de meeste songs dusdanig waren gemaakt dat ze eenvoudig live gespeeld konden worden. Maar Mick Jagger had geen trek in een nieuwe tournee, dus dat kwam er niet van. In plaats daarvan ging hij aan het werk voor zijn tweede soloplaat, Primitive Cool (1987). Jagger zei later dat hij niet wilde toeren vanwege de lichamelijke gesteldheid van Charlie Watts. Richards miste het optreden wel en ging daarom met zijn band Xpensive Winos toeren, waarbij hij onder meer de reggae-song Too Rude speelde.