Op 25 april 1975 wordt de vijfde langspeelplaat van de Amerikaanse rockband The Doobie Brothers, Stampede, uitgebracht op het Warner Brothers-label. Het album werd geproduceerd door vaste producer (vanaf het eerste album!) Ted Templeman.

Templeman produceerde ook bands/artiesten als Montrose (met de latere Van Halen-zanger Sammy Hagar), Carly Simon, Van Morrison, Little Feat, Aerosmith en Eric Clapton. Ook ontdekte hij (min of meer) Van Halen en produceerde hij het beroemde debuutalbum van deze band.

The Doobie Brothers bestaat onder deze naam sinds 1970 en werd opgericht door gitarist-zanger-songwriter Tom Johnston en drummer John Hartman. De band bestond in deze periode uit de volgende muzikanten: Tom Johnston-gitaren, zang; Patrick Simmons- gitaren, zang, Jeff ‘Skunk’ Baxter-gitaar, steel gitaar; Tiran Porter-basgitaar, zang; John Hartman-drums en Keith Knudsen-drums, zang. Op de foto op de voorkant van de hoes is ‘Skunk’ niet te zien, want de foto is gemaakt voordat hij tot de band toetrad.

De opnames voor het album werden in vijf verschillende studio’s gemaakt, tussen 9 september en 6  oktober 1974 Warner Brothers Studios, North Hollywood, CA; Burbank Studios, Burbank, CA; Curlom Studios, Chicago, IL en The Record Plant, Sausalito, CA.  Alleen de song I Been Workin’ On You werd opgenomen in de  Creative Workshop, Nashville, TN, allemaal in de Verenigde Staten uiteraard. De opnametechnici waren Donn Landee en Travis Turk.

Aan de opnames werkten diverse bekende (en minder bekende) muzikanten mee. Waaronder Bill Payne (Little Feat) op keyboards, Ry Cooder op bottleneckgitaar, Maria Muldaur, Sherlie Matthews, Venetta Fields en Jessica Smith op (achtergrond) zang.

Op het album staan elf songs, waaronder twee instrumentals. De meeste (zes) songs worden door Tom Johnston gezongen, eentje door Pat Simmons en op de afsluiter Double Dealin’ Four Flusher zingen zij samen met Keith Knudsen. Het album laat horen hoe divers de sound van The Doobie Brothers inmiddels geworden is, want naast hun al bekende rocksound hoor je ook countryrock, funk en folk.

Opener Sweet Maxine werd geschreven door Johnston en Simmons, Neal’s Fandango dat hierna komt is van Simmons, die het ook zingt. De twee volgende songs, Texas Lullaby en Music Man zijn van Johnston, de instrumental Slack Key Soquel Rag (in eerste instantie foutief als Slat Key Soquel Rag vermeld) is van Simmons. Hij schreef en zong ook I Cheat the Hangman, de langste song van het album. De tweede instrumental, Précis, is van Baxter. Rainy Day Crossroad Blues en I Been Workin’ On You zijn weer van Johnston en afsluiter Double Dealin’ Four Flusher is van de hand van Simmons.

De eerste en succesvolste single van het album is Take Me in Your Arms (Rock Me a Little While), een  bewerking van deze klassieke Motown-song, geschreven door het legendarische songwriterstrio Holland-Dozier-Holland. Tom Johnston wilde deze song al jaren opnemen. “Ik wist zeker dat het een uitstekende song om te coveren was en het is van mijn all-time favoriete songs. Volgens mij is onze versie geweldig geworden.” Tom probeerde zijn medemuzikanten al sinds 1972 ervan te overtuigen om deze song op te nemen. Volgens Pat Simmons klonk hun versie in eerste instantie als “The Grateful Dead doing The Four Tops”, maar later waren ze allemaal heel tevreden over de uiteindelijke versie. De single bereikte de elfde plaats op de Billboard Hot 100 en nummer tien op de Cashbox hitlijst. In het Verenigd Koninkrijk werd nummer 29 bereikt en in Frankrijk 37 en 34 in Australië. In ons land werd de single geen hit, kwam niet eens in de tipparade terecht, ondanks dat de band in 1972 al was doorgebroken bij ons met de single Listen To The Music.

Het album bereikte de vierde plaats op de Amerikaanse albumlijst. In ons land werd nummer elf op de albumlijst behaald, waar de plaat negen weken in stond.