Op 27 december 1976 wordt de langspeelplaat Wind & Wuthering van de Britse progressieve rockband Genesis uitgebracht op het Charisma-label (Atco in de Verenigde Staten). Het is de achtste studioplaat van de band en de tweede waarop drummer Phil Collins de zangpartijen voor zijn rekening neemt. Het is tevens de laatste langspeler van Genesis met gitarist Steve Hackett. Het album wordt zowel op vinyl als op muziekcassette uitgebracht.

Vrijwel meteen na afloop van de Amerikaanse en Europese tournees ter promotie van het vorige album vertrok de band naar ons land om de opvolger op te nemen. De opnames werden in de maanden september en oktober 1976 gemaakt in de Relight Studios in ons eigen Hilvarenbeek. In totaal was de band twaalf dagen in deze Brabantse studio aan het werk om de negen songs op te nemen. De productie was in handen van David Hentschel en Genesis, evenals bij voorganger A Trick Of The Tale (1976). Hentschel deed tevens de opnametechniek, daarbij geassisteerd door Pierre Geoffroy Chateau van de Relight Studios. Deze studio was bij ons bekend door de platen die er waren opgenomen door vaderlandse acts als Golden Earring, Jack Jersey, Gruppo Sportivo en Herman Brood. Naast Genesis kwamen ook andere grote buitenlandse acts naar de studio, zoals Cat Stevens, Black Sabbath, Boomtown Rats, Gentle Giant, Peter Gabriel en The Strawbs. Het was voor het eerst dat de band buiten het Verenigd Koninkrijk de studio in ging. In de Trident Studios in Londen werden de opnamen afgemaakt en gemixt. De Relight Studios hielden het vol tot het faillissement in 1981. Volgens de overlevering werden in het pand waarin de studio’s gevestigd waren ook pornofilms opgenomen.

Sinds het vertrek van Peter Gabriel in 1974 bestond Genesis uit: Phil Collins (zang, drums, percussie), Steve Hackett (elektrische gitaren, klassieke gitaar, 12 snarige gitaar, kalimba, autoharp), Mike Rutherford (4, 6, en 8 snarige basgitaren, elektrische en 12 snarige akoestische gitaren, baspedalen), Tony Banks (Steinway vleugel, ARP 2600 synthesizer, ARP Pro Soloist synthesizer, Hammondorgel, Mellotron, Roland RS-202 string/brass synthesizer, Fender Rhodes piano).

Tijdens de opnames ontstonden er strubbelingen tussen de gitarist Steve Hackett en de overige bandleden, omdat al snel bleek dat zij minder op zijn songs en bijdragen zaten te wachten en dat er vaak de voorkeur werd gegeven aan nieuwe songs van toetsenist Tony Banks. Desondanks staan er toch vier door Hackett (mede) geschreven composities op de plaat. Maar het klopt wel dat er in de sound meer aandacht voor de verschillende toetseninstrumenten is dan voor de gitaren van Steve Hackett en Mike Rutherford, al was die met name ook als bassist actief; na Hackett’s vertrek werd hij de (enige) leadgitarist.

Kant A opent met Eleventh Earl Of Mar (geschreven door Tony Banks, Steve Hackett en Mike Rutherford); gevolgd door One For The Vine, de langste song van het album (9:59), geschreven door Tony Banks. Hierna Your Own Special Way (Mike Rutherford) en Wot Gorilla? (Phil Collins en Mike Rutherford). De opener van kant B is All In A Mouse’s Night (Tony Banks), die gevolgd wordt door Blood On The Rooftops (Phil Collins en Steve Hackett), de kortste song (2:27) Unquiet Slumbers For The Sleepers… (Steve Hackett en Mike Rutherford), …In That Quiet Earth (Hackett, Rutherford, Banks, Collins) en afsluiter Afterglow (Tony Banks). De totale speelduur is 50:54.

Het hoesontwerp is gemaakt door Colin Elgie van ontwerperscollectief Hipgnosis. Het album kreeg goede tot lovende recensies en verkocht ook erg goed. In de Britse albumlijst werd nummer zeven bereikt en op de Amerikaanse Billboard 200 nummer 26. In Nederland was nummer zeventien op de albumlijst de hoogste notering, veertien weken stond de plaat in de vaderlandse albumlijst. Your Own Special Way werd in de States op single uitgebracht, die nummer 62 op de Billboard Hot 100 wist te bereiken. Het was de eerste hit van Genesis met Phil Collins als zanger. Het album bereikte in februari 1977 de gouden status in het Verenigd Koninkrijk. In mei 1977 bracht Genesis de ep Spot The Pigeon uit, waarop drie songs staan die tijdens Wind & Wuthering sessies werden opgenomen, maar die het album niet haalden. Het gaat om Match Of The Day, Pigeons en Inside And Out. Spot The Pigeon behaalde nummer veertien in de Britse hitlijst.

Na de release van het album ging Genesis weer toeren, eerst door Europa, daarna de VS en tenslotte door Zuid-Amerika (voor het eerst). Voor de concerten was Chester Thompson voor het eerst als drummer bij de band betrokken; hij verving Bill Bruford die tijdens de voorgaande tournee in Genesis drumde. Phil Collins kon op deze manier zijn nieuwe rol als frontman waarmaken.

Wind & Wuthering werd in 1985 voor het eerst op cd uitgebracht, door Charisma en Virgin. In 1994 kwam er een geremasterde versie uit op Virgin, geremasterd door Chris Blair, Geoff Callingham en Nick Davis. In 2008 een nieuwe remaster op Virgin, geremasterd door Tony Cousins en gemixt door Nick Davis. Hiervan kwam ook een 5.1 surround versie uit op audio-dvd.