Op 25 juli 1970 wordt Cosmo’s Factory, het vijfde album van Creedence Clearwater Revival, in Europa uitgebracht op het Liberty-label (in Duitsland op Bellaphon); in de Verenigde Staten was het album al op 16 juli uitgebracht op het Fantasy-label. De single Lookin’ Out My Back Door/Long As I Can See The Light werd ook op 25 juli uitgebracht.

Kort na het uitbrengen van het vierde studioalbum Willy And The Poor Boys in november 1969 begon Creedence Clearwater Revival met de opnames voor het volgende album. In januari 1970 bereikte de single met dubbele A-kant Travelin’ Band/Who’ll Stop The Rain de tweede plaats van de Billboard Hot 100. In april bracht de band zijn volgende dubbele single uit, Run Through The Jungle/Up Around The Bend, die respectievelijk de vierde en tweede plaats van de Billboard Hot 100 bereikte. De band begon toen aan zijn eerste Europese tournee. De single Lookin’ Out My Back Door met B-kant Long As I Can See The Light bereikte de tweede plaats van de Hot 100. De opnames vonden plaats tussen eind 1969 en juni 1970 in de Wally Heider Studios in San Francisco, California, USA. Uiteraard zat John Fogerty weer in de producersstoel. De opnametechniek werd opnieuw gedaan door Russ Gary.

Zoals gebruikelijk bij CCR-albums is de totale speelduur rond de veertig minuten, 42:28 in dit geval. Kant 1 begint met het lekker stevige Ramble Tamble (nummer vier op de top 10 van CCR- en John Fogerty-songs die we eind mei publiceerden), gevolgd door een mooie cover van Before You Accuse Me (Elias McDaniel oftewel Bo Diddley), Travelin’ Band, de Roy Orbison-cover Ooby Dooby (Wade Moore, Dick Penner), Lookin’ Out My Back Door en Run Through The Jungle. Kant 2 opent met Up Around The Bend, het van Elvis bekende My Baby Left Me (Arthur ‘Big Boy’ Crudup), Who’ll Stop The Rain, de Marvin Gaye-cover I Heard It Through The Grapevine (Norman Whitfield, Barrett Strong) en afsluiter Long As I Can See The Light. Alle songs zonder vermelde componist zijn geschreven door John Cameron Fogerty, die naast de productie, de leadzang, de arrangementen en de leadgitaar ook nog piano, saxofoon en mondharmonica speelde. De rest van de bandleden bespeelde hun vaste instrumenten: Tom Fogerty de slaggitaar, Stu Cook de basgitaar en Doug ’Cosmo’ Clifford de drums.

De titel Cosmo’s Factory komt van het gebouw in Berkeley, California, waar de band vrijwel dagelijks repeteerde. Doug Clifford noemde het ‘the factory’ omdat John Fogerty de bandleden altijd heel hard liet werken in de vrij bedompte ruimte, als was het in een fabriek. De (vele) hoesfoto’s zijn gemaakt door Bob Fogerty, in dit gebouw. De coverfoto laat de hele band zien in de repetitieruimte en op de achterkant van de hoes staan tientallen foto’s van de bandleden. De originele release was met een klaphoes, later werd het helaas een enkele hoes. Cosmo’s Factory werd voor het eerst op cd uitgebracht op Fantasy in de VS en Mikulski in Duitsland. In 2005 werd de 40th Anniversary Edition uitgebracht op Fantasy, met drie bonustracks: Travelin’ Band (Remake Take), Up Around The Bend (live in Amsterdam, 10 september 1971, met de driemansbezetting) en Born On The Bayou (met Booker T. & The MGs in 1970 in de Fantasy Studios opgenomen).

Het album werd met goud bekroond (500.000 verkochte exemplaren) door de Recording Industry Association Of America op 16 december 1970. Bijna twintig jaar later, op 13 december 1990 kreeg het een certificatie van viermaal platina met meer dan vier miljoen verkochte exemplaren. Cosmo’s Factory is onder de fans heel populair en ook voor de niet-diehard liefhebbers is het een favoriet album, vooral ook door de vele hits op de plaat. Pas na het uiteenvallen van de band werd I Heard It Through The Grapevine op single uitgebracht (in tweeën geknipt) en dat werd vooral in ons land een grote (top 10) hit!