Toen Ram, het tweede album van Paul McCartney na de breuk van The Beatles, verscheen werd het door critici met de grond gelijk gemaakt. Waarschijnlijk omdat de zanger werd gezien als degene die de breuk van de band op zijn geweten had (terwijl hij eigenlijk de laatste Beatle was die opstapte). 45 jaar later wordt het album echter gezien als een van de beste platen uit zijn solocarrière.

Op Ram verscheen naast Paul ook Linda op de credits. Daarnaast werden er, in tegenstelling tot het solodebuut McCartney van een jaar eerder, sessiemuzikanten ingehuurd. Zoals drummer Denny Seiwell, die zich daarna bij Wings zou aansluiten. In feite is Ram een blauwdruk voor wat uiteindelijk de band Wings zou gaan worden.

Het album heeft geen overkoepeld thema, maar zijn ex-collega John Lennon dacht verwijzingen richting hem in een aantal nummers te horen. Vooral de opener Too Many People voelde Lennon als een regelrechte aanval richting hem. Iets wat McCartney later zelf ook toegaf. In oktober 1971 kwam Johns antwoord hierop met het nummer How Do You Sleep?, te vinden op zijn album Imagine. Lennon was echter niet de enige persoon aan wie een lied op Ram was gericht. Zo gaat de ballad Dear Boy over de ex-man van Linda: Joseph Melville See Jr.

Zoals vaker op albums van Paul McCartney is Ram een verzameling van meerdere stijlen. Zo is 3 Legs jaren ‘50-achtige rockabilly, en Heart Of The Country een countryachtige song. Maar Ram bevat ook echte rocksongs, met het eerder genoemde Too Many People, Smile Away, het ruige Monkberry Moon Delight en de hitsingle Eat At Home. Met Uncle Albert / Admiral Halsey (McCartney’s eerste nummer 1-solohit in Amerika) bevat het een wat meer epische song waarin eigenlijk twee nummers met elkaar zijn gecombineerd – iets wat McCartney met The Beatles ook al deed op Abbey Road. Met het orkestrale The Back Seat Of My Car kreeg Ram uiteindelijk een climax, waarbij Lennon zich ook aangevallen voelde door de zinsnede ‘We believe that we can’t be wrong’.

De opnamesessies voor Ram vonden plaats in het najaar van 1970 en de eerste maanden van 1971 in Los Angeles. De sessies waren erg productief, waardoor veel nummers de plaat niet haalden. Zo verscheen los van het album de eerste solosingle Another Day/Oh Woman Oh Why. Andere nummers uit de sessies, zoals Dear Friend, verscheen op het album Wild Life. Ook de nummers Little Lamb Dragonfly en Get On The Right Thing, die in 1973 op Red Rose Speedway verschenen, waren opgenomen tijdens deze sessies.

In 1977 verscheen er onder het pseudoniem Percy “Thrills” Thrillington het album Thrillington. Het was een orkestrale instrumentale uitvoering van het album. Pas in 1989 gaf McCartney toe dat hij achter dit project zat. Het album verscheen in 2012 bij de boxset van Ram. Aan die uitgave werden ook nummers uit de sessies toegevoegd die op de plank waren blijven liggen.

Ondanks de kritieken die het album bij de release kreeg, verkocht Ram zeer goed. In Nederland bereikte het de tweede positie. Toch kreeg het album pas jaren later de waardering die het verdiende. Het is nauwelijks voor te stellen dat het album ooit slecht werd ontvangen, want met de productie was McCartney in feite zijn tijd ver vooruit. Bovendien bevat Ram geen enkel zwak nummer. Het wordt samen met Band On The Run vaak gezien als het beste wat hij uitbracht na The Beatles.