De overstap die Bob Dylan maakte van de akoestische naar elektrische muziek, werd de man niet in dank afgenomen. Sterker nog, de traditionele folkliefhebbers zagen in hem iemand die was gevallen voor de Mammon (de god van het geld) en daarmee de folkmuziek de rug toekeerde. In de Free Trade Hall in Londen bereikte dit conflict tussen Dylan en zijn fans het hoogtepunt. Tijdens het elektrische gedeelte na de pauze van het concert werd de zanger uitgemaakt voor Judas – verrader! Dat optreden vond vandaag precies vijftig jaar geleden plaats.

Kort nadat de opnames voor Blonde On Blonde (de eerste dubbel-lp in de popgeschiedenis) zijn afgerond, gaat Bob Dylan opnieuw de wereld over. In verschillende concertzalen brengt hij een ‘dubbel-concert’: voor de pauze speelde de bard uit Minnesota een akoestische set, met alleen zijn gitaar en mondharmonica. Na de pauze keert de liedjessmid terug op het podium, samen met de jongens van The Hawks.

Hetzelfde ritueel doet zich voor bij het concert in de Manchester Free Trade Hall, die 17e mei 1966. De geruchten over een ‘elektrische Dylan’ zijn ook al bij het Britse eiland gekomen. De folkliefhebbers discussiëren heftig over de nieuwe koers van hun ‘muzikale woordvoerder’. Vernieuwt Dylan zichzelf, of is hij gezwicht voor het grootkapitaal van de elektrische muziek? Overal waar de Amerikaanse zanger komt, valt boe-geroep hem en zijn begeleidingsband ten deel.

Voor Hawks-drummer Levon Helm was de maat vol. Hij is niet meegegaan, de wereld over. Zijn plek is overgenomen door collega-drummer Mickey Jones. De akoestische helft gaat voorspoedig, geheel in lijn der verwachting. Dylan speelt zijn nummers, onder meer Visions Of Johanna en Just Like A Woman van Blonde On Blonde, het album dat een dag eerder op de markt was gekomen. Dylan speelt met zijn onnavolgbare ritmes en mondharmonicaspel.

Maar na de pauze neemt de spanning voelbaar toe. Het publiek applaudisseert tussen de nummers door, waardoor het stemmen van de muziekinstrumenten lastig is. Als intro op One Too Many Mornings mompelt Dylan met als uitsmijter de zin ‘If you wouldn’t clap so loud’. De boodschap is helder: luisteren!

En dan, vlak voor afsluiter Like A Rolling Stone, slaat de vlam in de pan. Een man uit het publiek roept: “Judas!” Dylan als verrader! Een uitspraak die door het overige publiek van harte wordt ondersteund, getuige het applaus. Dylan is niet makkelijk van zijn a propos te brengen. Hij reageert met “I don’t believe you. You’re a liar!”

Vervolgens draait hij zich om naar zijn begeleiding en geeft een niet te missen opdracht: “Play it fucking loud!” Waarna Jones op zijn drums slaat en Like A Rolling Stone wordt ingezet. Als de band na afloop hiervan het podium verlaten, wordt nog wel het Engelse volkslied (God Save The Queen) gedraaid. Een practical joke?

De opnames van dit optreden zijn erg geliefd bij veel bootleg-verzamelaars. Vrijwel alle illegale releases melden foutief als concertzaal de Royal Albert Hall in Londen aan – terwijl het dus de Free Trade Hall in Manchester was. Dylans platenmaatschappij Columbia brengt dit concert in 1996 officieel op de markt, als aflevering 4 van de Bootleg Series. Als ondertitel neemt Columbia de foutieve locatie van het concert over.

De geschiedenis heeft vele vaders; wie de fan was die Dylan voor Judas uitmaakte, is niet meer met zekerheid te zeggen. Mogelijk was het ene Keith Butler, mogelijk totaal iemand anders. Voor wie de beelden van dit moment wil nazien: Martin Scorsese heeft het filmmateriaal gebruikt in zijn documentaire No Direction Home uit 2005.