Na het succes van Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band overleed de manager van The Beatles, Brian Epstein, op 27 augustus 1967. Vervolgens nam Paul McCartney de groep op sleeptouw om een nieuwe film te maken: Magical Mystery Tour. De bijbehorende soundtrack met zes nieuwe nummers verscheen op 8 december in Europa als dubbel-EP, maar werd in de Verenigde Staten op 27 november uitgebracht op een lp die werd aangevuld met de singles van The Beatles uit 1967. Jaren later, in 1976, werd deze lp ook in Europa uitgebracht. Toen alle albums van de band op cd verschenen, werd de EP vervangen voor de Amerikaanse lp en werd die beschouwd als officieel studioalbum.

De film werd pas op Tweede Kerstdag (in Groot-Brittannië genaamd Boxing Day) uitgezonden op de BBC in zwart-wit, terwijl het een kleurrijke film was. De kritieken waren vervolgens niet mals. Het was de eerste creatieve flop van The Beatles. De film over een psychedelische bustrip, waarbij The Beatles als vier tovenaren op een afstand de rit volgen, was grotendeels geïmproviseerd. Er was van tevoren ook geen script. De film werd in 2012 opnieuw opgepoetst voor een nieuwe release op blu-ray. Een extra daarbij was het audiocommentaar van Paul McCartney, die er duidelijk moeite mee heeft om de film serieus te blijven voorzien van commentaar. Waarschijnlijk zag hij na meer dan 40 jaar ook wel in dat de film niet veel voorstelde?

Maar het belangrijkste van de film was natuurlijk de muziek, en daar was niets op aan te merken. Dat was eigenlijk het enige wat de film overeind hield. Muzikaal gezien doet het album Magical Mystery Tour niet veel onder voor Sgt. Pepper. McCartney kwam naast de titelsong verder op de proppen met The Fool On The Hill. Hij zei later dat hij bij het schrijven van het nummer moest denken aan de goeroe Maharishi Yogi, die ze net hadden leren kennen, maar het verhaal achter de inspiratie van het nummer was anders: terwijl Paul zijn hond Martha uitliet in het park van Primrose Hill dook er vanuit het niets een vreemde man op. Naast dit nummer schreef McCartney verder nog Your Mother Should Know; een nummer dat hij net als When I’m Sixty-Four in jarentwintigstijl schreef.

Ook John Lennon was productief en schreef I Am The Walrus, deels geïnspireerd door het gedicht The Walrus And The Carpenter uit Lewis Carroll’s Alice In Wonderland. Omdat fans steeds meer zochten in teksten schreef Lennon expres een onbegrijpelijke brei aan tekst voor het psychedelische nummer.

George Harrison schreef voor het album het nummer Blue Jay Way. Het was de naam van de straat in Hollywood Hills waar hij in augustus 1967 een huis had gehuurd. George schreef het nummer toen hij op een avond bezoek verwachtte van persvoorlichter Derek Taylor en zijn vrouw, maar door de mist waren ze de weg kwijt. Zoals Harrison ook in de eerste regel van het nummer bezingt: ‘There’s a fog upon L.A., and my friends have lost their way’. Eigenlijk zou er in de film een scène zitten waarbij Harrison aan het einde van de film zou worden aangereden door de bus, maar die scene heeft de film niet gehaald.

Daarnaast stond er nog een instrumentaal nummer op de soundtrack: Flying. Het is één van de weinige nummers waarvoor alle vier de Beatles genoemd werden in de credits. Het is ook één van de drie instrumentale songs van de band. Een andere, Cry For A Shadow, werd in 1961 opgenomen tijdens de sessies in Hamburg met Tony Sheridan. De overige instrumental, 12-Bar Original, werd in 1965 opgenomen, maar verscheen pas in 1996 op Anthology 2.

Het was niet eens zo’n vreemd idee van de Amerikaanse platenmaatschappij Capitol om de songs van de EP aan te vullen met de singles en b-kantjes uit 1967. Het is als geheel dan geen conceptalbum als Sgt. Pepper, maar muzikaal is het wel een vijfsterrenalbum. Een soundtrack die beter is dan de film zelf, maar The Beatles waren immers ook een betere band dan acteurs. Anno 2017 zal de film nog steeds niet heel hoogstaand zijn, maar de soundtrack heeft de tand des tijds ruimschoots doorstaan.