Op 3 december 1965 werd de eerste langspeelplaat van de Engelse rockgroep The Who uitgebracht. Als My Generation (dezelfde titel als de gelijknamige hitsingle die op 5 november werd gereleased) kwam het album uit op het Brunswick-label in het Verenigd Koninkrijk en pas in april 1966 als The Who Sings My Generation op Decca Records in de Verenigde Staten.

De opnames werden gemaakt in april 1965 en tussen 11 en 15 oktober van dat jaar in de IBC Studio in het centrum van Londen, met Shel Talmy als producer, hoewel opnametechnicus Glyn Johns volgens de bandleden het meeste werk deed. Hij werd later dan ook gepromoveerd tot producer van de band. Eind 1964 was drummer Keith Moon tot de band toegetreden, die verder bestond uit gitarist Pete Townshend, bassist John Entwistle en zanger Roger Daltrey. De bandnaam was eerst The Detours en daarna korte tijd The High Numbers. Overigens was de band niet alleen in de studio aan het werk (op 11 oktober werden My Generation en The Kids Are Alright opgenomen, terwijl I Can’t Explain op die dag nummer 8, de hoogste positie, in de Britse hitlijst bereikte), want de optredens gingen gewoon door.

De eerste opnames werden dus in de lente van 1965 gemaakt, ten tijde van The Who’s vroege Maximum R&B-periode en bestaan uit coverversies van populaire r&b-songs als I Don’t Mind en Please, Please, Please, die beide bekend waren van James Brown, naast door Pete Townshend geschreven songs in zo ongeveer dezelfde muziekstijl. Negen songs werden opgenomen maar de meeste daarvan werden uiteindelijk niet gebruikt en tijdens de opnames in oktober vervangen door nieuwe door Townshend geschreven songs.

Het album bevat twaalf songs, waarvan Townshend er negen schreef, plus drie covers, de twee hierboven genoemde James Brown-nummers plus I’m A Man van Bo Diddley (Elias McDaniel). Deze staat overigens niet op de Amerikaanse versie, omdat de Amerikaanse maatschappij de tekst te ‘seksueel’ vond. In plaats daarvan staat de song Circles op deze persing. Op deze versie staat ook een andere versie van The Kids Are Alright, namelijk de Britse ingekorte singleversie. Naast deze song en de titeltrack werden de volgende songs ook op single uitgebracht: A Legal Matter, The Ox (als b-kant van The Kids Are Alright) en La-la-la-lies/The Good’s Gone. De totale speelduur van het album is 36:13.

Op 3 december 1965 was de band ’s avonds op de Britse televisie te zien in het programma Ready Steady Go (in de Wembley Studios), waar My Generation werd gespeeld (en eerder opgenomen). ’s Avonds speelde de band in de Goldhawk Social Club in Shepherd’s Bush, Londen (een soort gemeenschapshuis), dat afgeladen vol was met (vooral) mods. Toen het slotapplaus bijna ten einde was begon de band aan een uitgesponnen versie van The Ox, waardoor de adrenaline bij zowel bandleden als het publiek tot een hoogtepunt reikte. Het was dan ook vrijwel bij elk optreden dat er na afloop vechtpartijen en rellen ontstonden.

Boven dit artikel zie je de hoes van My Generation, met daarop links enkele olievaten en de bandleden daarnaast, naar boven (de fotograaf) kijkend. De Amerikanen wilden een andere hoes en daarop zie je de vier bandleden met op de achtergrond Big Ben. Omdat er in 1965 nog maar weinig album-hitlijsten waren weten we alleen dat op de albumlijst van New Musical Express nummer 5 werd bereikt.

Het album werd origineel in mono uitgebracht. In 1979 kwam de monoversie op cd uit, maar een jaar later werd deze uit de handel gehaald. In 2002 kwam er een deluxe editie uit, op twee cd’s en geremixt door Shel Talmy. Het was voor het eerst dat deze songs in stereo te horen waren. Hoewel ze daardoor helderder klonken blijken diverse overdubs die in de mono mixen goed te horen zijn verwijderd te zijn; met name de leadgitaarpartijen in A Legal Matter en My Generation en de gedubbelde zangpartijen in The Good’s Gone, Much Too Much, La-La-La Lies en The Kids Are Alright. Op beide discs staan in totaal 18 bonustracks, zowel in mono als in stereo.

In 2008 werd de originele Britse monomix geremasterd voor de Japanse markt en aldaar uitgebracht als dubbel-cd en als enkele cd. In beide gevallen zijn diverse bonustracks toegevoegd, waaronder de stereomixen die ook op de hierboven genoemde deluxe editie staan.

In 2012 werden de originele mastertapes, zonder remix dus, in Japan uitgebracht als onderdeel van een mono- en stereoset op twee cd’s met bonustracks. In datzelfde jaar werd het album in het Verenigd Koninkrijk uitgebracht als mono-cd zonder bonustracks.

In 2014 werd My Generation ook op iTunes en als HDtracks in mono- en stereoversies met bonustracks uitgebracht. De monoversie was gemasterd van dezelfde bronnen als de Japanse release uit 2012. De stereoversie bevat andere mixen dan die op de 2002 deluxe editie.