Hoe neemt een rockartiest afscheid van het publiek? Misschien is het laatste groepsoptreden van Queen, vandaag 25 jaar geleden, bewust zo geregisseerd. Misschien ook niet – in elk geval is duidelijk dat Freddie Mercury die avond een schim was van de man die volle stadions hele toonladders liet zingen.

Het is een – in retrospectief – opmerkelijk optreden van de Britse band. BBC-presentator Terri Ellis reikt de prestigieuze Brit Awards uit aan de groep, de beste band op het eiland van dat moment. Ten tonele verschijnen de vier mannen: John Deacon, Brian May, Roger Taylor en natuurlijk frontman Freddie Mercury.

De zanger is als enige van de vier muzikanten gehuld in een licht maatpak, dat hem zichtbaar ruim valt. Het ontvangen van de Brit Award bevestigt meer en meer het verhaal dat gaat onder journalisten en fans: Mercury is wel degelijk ernstig ziek, aids is al flink bezig het lichaam van de entertainer van weleer af te breken.

Niet Mercury maar gitarist May doet het woord, waarbij hij behalve de pers en fans ook de oliemaatschappij bedankt. De bescheiden bassist Deacon staat een beetje op de achtergrond zijn collega’s te aanschouwen – het is de plek die hem het beste past. Dat May, Taylor en Deacon in het zwart gekleed zijn en Mercury in een lichtblauw pak, betekent niets: officieel is de zanger gezond. En dat terwijl de band al vier jaar geen optredens doet en Mercury steeds minder in het openbaar verschijnt. Bij elke nieuwe verschijning is hij weer magerder geworden.

Na de toespraak van May, verlaat de band het podium. Als Mercury de microfoon passeert, zegt hij nog heel kort: “Thank you, good night”, en steekt even zijn hand nog op en zwaait. Anderhalf jaar later bevestigt hij dat hij inderdaad aidspatiënt is – een dag later bezwijkt hij aan een longontsteking.