In zijn huis Garden Lodge in Londen stierf zanger Freddie Mercury in de avond van 24 november 1991. De dood van de Queen-frontman, vandaag 25 jaar geleden, volgde een dag nadat hij officieel bekend had gemaakt aan aids te lijden. Ruim twee maanden eerder had Mercury nog zijn 45ste verjaardag gevierd. Zijn lichaam was inmiddels zo afgetakeld dat een verkoudheid de flamboyante persoonlijkheid teveel werd.

Freddie Mercury werd op 5 september 1946 geboren in Stone Town (Zanzibar) als Farrokh Bulsara. Zijn vader was een Brits-Indische ambtenaar. Eind jaren zestig voegde hij zich als zanger bij het bandje Smile, dat toen gevormd werd door gitarist Brian May en drummer Roger Taylor. Zanger/bassist Tim Staffell koos voor een andere carrière; als bassist werd hij uiteindelijk opgevolgd door John Deacon. Dit kwartet veroverde de volgende twee decennia de (internationale) popwereld.

Op het podium stond Mercury bekend als een extravagante showmaster. Maar ook in zijn privéleven kon de muzikant er wat van. Berucht zijn de feesten, die soms nachten duurden. Zijn seksuele oriëntatie bleef altijd op de achtergrond; desalniettemin maakten de balletpakken uit de jaren zeventig rond de decenniumwisseling plaats voor leren pakken en een stevige snor. De seksuele geaardheid van Mercury hoefde niet voor veel verrassingen te zorgen.

Na de Magic Tour van 1986 besloot Queen om geen optredens en tours te doen. Als officiële reden werd gegeven dat de mannen inmiddels te oud zouden zijn voor deze reizen – bassist Deacon was immers ‘al’ 35 jaar. De eigenlijke reden was dat Mercury wist dat hij aids had en daarom op zijn gezondheid moest letten. In de jaren die volgden, werden de geruchten steeds sterker dat Mercury deze ziekte had, wat door alle betrokkenen ten stelligste werd ontkend.

Mercury deed wat hij nog wilde. Zo dook hij in 1987 met opera-zangeres Montserrat Caballé de studio in voor het duetalbum Barcelona. De muziek werd verzorgd dankzij synthesizers – de zanger vermoedde dat hij een release niet meer zou meemaken als de instrumenten door een heus orkest later zouden worden ingespeeld. De release van Barcelona heeft Mercury nog ruimschoots meegemaakt. In de vier jaren die volgden, maakte hij met Queen ook nog de studioalbums The Miracle (1989) en Innuendo (1991).

Vrij snel na de release van Innuendo begon Mercury met het opnemen van zijn stem bij nieuwe songs. “De instrumenten komen later wel,” zo zei de zanger, die de dood in de ogen keek. Het laatste nummer dat hij opnam, is Mother Love. In mei 1991 liet hij het lied onaf liggen, om op een later moment het laatste couplet in te zingen. Dat is er nooit meer van gekomen, May heeft het resterende gedeelte ingezongen.

23 november 1991 liet Mercury een persbericht uitgaan, waarin hij de geruchten bevestigde dat hij HIV-positief was en aids had. De medicijnen had hij toen al laten staan, zijn lichaam was op. Een dag na dit perscommuniqué blies hij zijn laatste adem uit.

Foto: Harry Pater (Queen live in Leiden, 20 september 1984)