Op 11 april 1988 werd het zevende album van Iron Maiden uitgebracht, onder de toch wel toepasselijke titel Seventh Son Of A Seventh Son, op het EMI-label in Europa en Capitol in de Verenigde Staten. Het was de opvolger van Somewhere In Time uit 1986.

Het was het (tot nu toe) enige conceptalbum van de band en de eerste waarop keyboards te horen waren. Het was ook het laatste studioalbum met gitarist Adrian Smith, die de band in 1990 verliet en in 1999 terugkeerde. Het album kwam meteen op de nummer 1-positie van de Britse albumlijst terecht, zoals dat ook was gebeurd met The Number Of The Beast (1982).

De opnames werden gemaakt in de maanden februari en maart 1988 in de Musicland Studios in het Zuid-Duitse München, vooral bekend doordat labelgenoten Queen er veel platen hebben opgenomen. Opnieuw was Martin Birch de producer en daarnaast was hij opnametechnicus en tape operator en verzorgde hij de mix. Hij werd geassisteerd door de opnametechnici Stephane Wissner en Bernd Maier. George Marino verzorgde de mastering. Het hoesontwerp is uiteraard van de hand van Derek Riggs.

De line-up van Iron Maiden op dit album: Bruce Dickinson (zang), Dave Murray (gitaar), Adrian Smith (gitaar, synthesizer), Steve Harris (basgitaar, string synthesizer) en Nicko McBrain (drums, percussie).

Het idee voor de albumtitel en het onderwerp van de songs kwam van bassist Steve Harris, en is gebaseerd op de roman Seventh Son van Orson Scott Card. Op deze plaat zijn voor het eerst progressieve rock-elementen te horen, met name in de titelsong en The Clearvoyant. Het album bevat acht songs, waarvan er zeven (mede) door Harris zijn geschreven. Het album (dat bijna 44 minuten klokt) opent met Moonchild (Smith, Dickinson) en vervolgt met Infinite Dreams (Harris), Can I Play With Madness (Smith, Dickinson, Harris), The Evil That Men Do (Smith, Dickinson, Harris), Seventh Son Of A Seventh Son (Harris), The Prophecy (Harris, Murray), The Clairvoyant (Harris) en afsluiter Only The Good Die Young (Harris).

Van het album werden vier singles getrokken: Can I Play With Madness (maart 1988), dat nummer drie in de Britse hitlijst bereikte en nummer veertien in de Nederlandse Top 40, The Evil That Men Do (augustus 1988), nummer vijf in die lijst en nummer 34 in ons land, The Clairvoyant (live) en Infinite Dreams (live) (beide november 1988) die beide nummer zes bereikten. Het album kreeg over het algemeen positieve recensies, al waren niet alle fans van het eerste uur blij, omdat ze het niet een echte Iron Maiden-sound vonden hebben.

Zoals gemeld kwam het album op de eerste plaats van de Britse albumlijst binnen. In de VS (Billboard 200) was nummer twaalf de hoogste notering. Nummer één werd ook bereikt in Finland en nummer twee in Nederland, Zweden en Zwitserland. Nummer drie in Noorwegen en Nieuw-Zeeland. De band kreeg in Canada een platina onderscheiding (100.000 exemplaren) en een gouden plaat in het Verenigd Koninkrijk (100.000), de Verenigde Staten (500.000), Duitsland (250.000) en Zwitserland (25.000).

Seventh Son Of A Seventh Son werd uitgebracht op cd (in 1988 het populairste medium), vinyl en muziekcassette. In Spaanstalige landen was de titel El Septimo Hijo De Un Septimo Hijo. In 1995 werd het album geremasterd uitgebracht met een bonus-cd met negen tracks, waarop naast live-versies ook voor het album afgevallen songs plus een cover van Thin Lizzy’s Massacre staan.