Op 17 februari 1967 wordt de langspeelplaat A Hard Road van John Mayall & The Bluesbreakers uitgebracht op het Decca-label in het Verenigd Koninkrijk en op het London-label in de Verenigde Staten. Het is de derde langspeler en het tweede studioalbum van de 83-jarige Britse bluesveteraan die anno 2017 nog altijd zeer actief is, zijn nieuwste studiorelease Talk About That Now is net uitgekomen. A Hard Road was het eerste album met gitarist/zanger Peter Green, die Eric Clapton opvolgde.

De opnames werden op vier dagen (11, 12, 19 en 24) in oktober en een dag in november (11) 1966 gemaakt in de Decca Studios, West Hampstead in Londen. Mike Vernon produceerde de opnames, wat hij ook deed bij de voorganger, Blues Breakers With Eric Clapton (ook bekend als ‘The Beano album’) uit 1966. De opnametechnicus bij beide albums was Gus Dudgeon, die later beroemd werd als producer van onder meer Ten Years After en Elton John.

Na het vertrek van Eric Clapton in 1966 trad gitarist Peter Green toe tot de band. John Mayall & The Bluesbreakers bestond op dit album uit John Mayall (zang, piano, orgel, mondharmonica vijf- en negensnarige gitaren), Peter Green (zang, sologitaar), John McVie (basgitaar) en Aynsley Dunbar (drums). Aan de opnames werkten verder drie blazers mee: John Almond en Alan Skidmore (saxofoons) en Ray Warleigh. John Mayall ontwierp ook de hoes, het schilderij op de voorkant (waarop de vier muzikanten staan afgebeeld) is ook van zijn hand. Tevens schreef hij de ‘liner notes’.

Het album telt veertien tracks, waarvan Mayall er acht schreef, Peter Green schreef er twee en de andere vier zijn covers. De totale speelduur is 37:13. Het album opent op kant A met de titelsong A Hard Road, gevolgd door It’s Over, You Don’t Love Me (Willie Cobbs), gezongen door Peter Green, The Stumble (Freddie King/Sonny Thompson), Another Kinda Love, Hit The Highway en Leaping Christine. Kant B opent met het veel door anderen gecoverde Dust My Blues (Elmore James/Joe Josea) en gaat verder met There’s Always Work, The Same Way (Peter Green, die het ook zingt), de instrumental The Supernatural (Peter Green) die vaak als een soort blauwdruk van het later door Green met Fleetwood Mac opgenomen Black Magic Woman wordt gezien. Hierna Top Of The Hill, Someday After A While (You’ll Be Sorry) (Freddy King/Sonny Thompson) en afsluiter Living Alone.

Het album werd zowel in stereo als in mono uitgebracht. De lp bereikte nummer acht op de Britse albumlijst. Het hoort tot de drie bestverkochte platen van John Mayall. In ons land was er in 1967 nog geen albumlijst en van andere landen was geen informatie voorhanden.

In 1987 kwam London Records met een cd-uitgave op de markt. In 2003 kwam er een dubbel-cd uit op het Deram-label, met maar liefst 36 tracks. Naast de veertien tracks van het originele album staan daar 22 tracks op die onder meer eerder op ep’s en als b-kantjes van singles zijn uitgebracht plus een aantal niet eerder verschenen songs. Op enkele van deze nummers doen ook andere muzikanten mee, zoals de drummers Colin Allen (later o.a. in Focus) en Mick Fleetwood. In 2006 bracht Decca in Europa een mono-cd-versie uit van het album, met 28 tracks. Ook hierop het originele album plus vier niet eerder uitgebrachte songs en tien andere van singles en ep’s.