Steely Dan heeft veel bekende singles uitgebracht, waaronder Do It Again, Rikki Don’t Lose That Number en Haitian Divorce, maar was toch echt vooral een albumgroep. Tussen 1972 en 1980 verscheen de ene briljante lp na de andere en ook de vier soloplaten van Donald Fagen zijn allemaal het beluisteren waard. Op zijn 68ste verjaardag kiezen we de tien beste Steely Dan- en soloalbums.

10. Steely Dan – Two Against Nature (2000)

Maar liefst twintig jaar duurde het voordat er in 2000 weer eens een album van Steely Dan in de schappen lag (de liveplaat Alive In America niet meegerekend), maar op Two Against Nature gingen Walter Becker en Donald Fagen gewoon verder waar ze gebleven waren toen ze Gaucho (1980) maakten. Er stond niet echt een nummer met hitpotentie op deze langverwachte opvolger, maar met onder meer Gaslighting Abbie en het prachtige What A Shame About Me bewees het duo nog altijd in staat te zijn om spannende muziek te maken. Hun inspanning werd zelfs beloond met een Grammy Award voor ‘Album Of The Year’! Het tot nu toe laatste Steely Dan-album Everything Must Go, dat drie jaar later verscheen, is ook best aardig.

9. Steely Dan – Can’t Buy A Thrill (1972)

Er zijn fans die het wat ingewikkeldere werk van lp’s als Aja en Gaucho prefereren en er zijn mensen die vinden dat Steely Dan nooit beter was dan op het meest toegankelijke album: het debuut Can’t Buy A Thrill. Hierop doet David Palmer nog mee als zanger, al werden de twee grote hits Do It Again en Reelin’ In The Years gezongen door Donald Fagen. Wel is Palmers warme stemgeluid te horen in een ander bekend nummer van de plaat: Dirty Work. Hij zong ook de allereerste Steely Dan-single Dallas, die eerder dat jaar met weinig succes verscheen en niet op Can’t Buy A Thrill gezet werd. Overigens zijn Becker en Fagen het erover eens dat de albumhoes de lelijkste van de jaren zeventig is.

8. Donald Fagen – Sunken Condos (2012)

Steely Dan heeft nooit een slecht album gemaakt en ook de vier platen die Donald Fagen solo heeft afgeleverd, kun je als liefhebber blind aanschaffen. Zijn meest recente werk verscheen in 2012: het werkelijk briljante Sunken Condos. Zoals vaker moet je de nummers wat vaker horen voordat je er verslaafd aan raakt en met name de eerst vier tracks (Slinky Thing, I’m Not The Same Without You, Memorabilia en Weather In My Head) behoren tot het beste uit Fagens carrière. Ook de cover van Isaac Hayes’ Out Of The Ghetto is betoverend. Een van de betere albums van een artiest op leeftijd sinds de millenniumwisseling.

7. Steely Dan – Pretzel Logic (1974)

Hoewel Steely Dan in de beginjaren nog uit meerdere vaste leden bestond, werd steeds duidelijker dat de band vooral om de twee songwriters, Donald Fagen en Walter Becker, draaide. Ook waren er steeds meer sessiespelers betrokken bij de totstandkoming van de langspelers. Zo werkten onder anderen drummer Jim Gordon (Derek & The Dominos), zanger Timothy B. Schmit (Poco, Eagles) en de latere Toto-leden Jeff Porcaro en David Paich mee aan het wederom erg sterke derde album Pretzel Logic, dat net wat jazzier was dan de twee voorgangers en weer een hitje voortbracht: Rikki Don’t Lose That Number.

6. Steely Dan – Gaucho (1980)

Verscheen er in elk jaar tussen 1972 en 1977 wel een nieuw album van Steely Dan, de opvolger van Aja liet drie jaar op zich wachten. Het geduld van de fans werd wel beloond, hoewel Gaucho wellicht een wat ‘moeilijkere’ plaat was dan de voorgangers. Het meest pakkende nummer Hey Nineteen was wel succesvol als single en bevat een leuke tekst over een man die het aanlegt met een veel jonger meisje dat niet eens Aretha Franklin herkent als een lied van haar langskomt op de radio (‘No we got nothin’ in common, no we can’t talk at all’). Mark Knopfler kwam naar de studio om mee te spelen op de track Time Out Of Mind, maar uiteindelijk werd bijna niets van zijn bijdrage gebruikt. Pas twintig jaar na Gaucho verscheen weer een studioalbum van Steely Dan (zie nummer 10).

5. Steely Dan – Katy Lied (1975)

Het vierde Steely Dan-album wordt vaak gezien als het minste werk uit de klassieke jaren. Fagen en Becker waren er zelf niet heel tevreden over, omdat de geluidskwaliteit niet al te best zou zijn. Dat neemt echter niet weg dat het songmateriaal voor het grootste deel weer subliem was, met onder meer de kleine hit Black Friday en vooral de afsluiter van de eerste plaatkant: Doctor Wu. Het refrein in dat nummer is typisch Steely Dan: op het eerste gehoor niet direct pakkend, maar na een paar keer luisteren krijg je het deuntje niet meer uit je hoofd. Overigens klinkt de cd-remaster van Katy Lied prima.

4. Steely Dan – Countdown To Ecstasy (1973)

De van Can’t Buy A Thrill getrokken singles Do It Again en Reelin’ In The Years werden grote hits, maar geen enkel nummer van de opvolger Countdown To Ecstasy haalde de top veertig. Maakte ook niet uit, want Steely Dan was altijd al meer een album- dan een singlesgroep. Nu zanger David Palmer vertrokken was, moest Donald Fagen alle songs zingen. Daarmee vond de band nog wat meer een eigen sound. Bodhisattva, Razor Boy en My Old School zitten prachtig in elkaar, terwijl de teksten ook weer messcherp zijn. Zoals die van Show Biz Kids: ‘They got the house on the corner / With the rug inside / They got the booze they need / All that money can buy / They got the shapely bods / They got the Steely Dan T-shirts / And for the coup-de-gras / They’re outrageous’.

3. Donald Fagen – The Nightfly (1982)

Nadat Steely Dan in 1981 opgeheven werd, ging Donald Fagen zonder zijn vaste schrijfkompaan Walter Becker aan de slag. En hij kwam met een waar meesterwerk: The Nightfly. Neem alleen al de titelsong, waarin Fagen in de huid kruipt van Lester the Nightfly, dj van ‘independent station’ WJAZ. In het refrein zijn heel knap typische deuntjes van radiojingles verweven, terwijl in de tekst perfect het titelpersonage neergezet wordt (‘I got plenty of java and Chesterfield Kings, but I feel like crying / I wish I had a heart of ice’). De single New Frontier is eveneens onvergetelijk, mede dankzij een pakkende keyboardriff en een leuke videoclip. De ultieme nachtplaat.

2. Steely Dan – Aja (1977)

Vaak genoemd als het meesterwerk van Steely Dan en inderdaad een geniale opvolger van The Royal Scam (1976). Van de zeven tracks op Aja zijn vier songs heel bekend: Peg, Josie, Deacon Blues en het titelnummer, waarin de beroemde jazzmuzikant Wayne Shorter een heerlijke saxofoonsolo speelt. Becker en Fagen schakelden ook de hulp in van een aantal andere zeer getalenteerde sessiemuzikanten en zangers, onder wie Dean Parks, Larry Carlton, Joe Sample, Michael McDonald en Timothy B. Schmit. Het niet op single verschenen, briljant opgebouwde Black Cow moet wel een van de mooiste openingstracks ooit zijn. Er zat een lange pauze tussen Aja en opvolger Gaucho (1980), maar in de tussentijd verscheen nog wel de hitsingle FM uit de gelijknamige film.

1. Steely Dan – The Royal Scam (1976)

Met het vijfde album bereikte het duo Fagen-Becker een nieuw creatief hoogtepunt. The Royal Scam heeft alles wat je van een Steely Dan-album mag verwachten: ongewone melodieën die nooit vervelen, briljant spel en gevatte, multi-interpretabele teksten. Het reggaeachtige Haitian Divorce en de schitterende opener Kid Charlemagne werden enkele van de meest geliefde composities van het duo Becker-Fagen, terwijl Don’t Take Me Alive misschien wel hun beste minder bekende nummer is. Let ook op het verbluffende gitaarwerk van de onvolprezen Larry Carlton in de twee laatstgenoemde tracks. Leuke hoes ook!