Als je ons lijstje met de beste albums uit 1972 hieronder zo bekijkt, zou je bijna kunnen concluderen dat het in dat jaar vooral draaide om glamrock, hardrock, progrock en rockende singer-songwriters. Een beetje kort door de bocht natuurlijk, maar het waren wel degelijk de hoogtijdagen van deze muziekstromingen. Helden als David Bowie, Deep Purple, Yes en Neil Young maakten hun grootste commerciële en/of artistieke klappers. En hoeveel goede tot briljante rock-lp’s het lijstje níet haalden, lees je onderaan deze pagina.

10. Todd Rundgren – Something/Anything?

Het bekendste album van alleskunner Todd Rundgren is de dubbel-lp Something/Anything? De multi-instrumentalist speelde het grootste deel van het album helemaal zelf in, met verbluffend resultaat. Bewees ‘Runt’ zich op het vorige album The Ballad Of Todd Rundgren (1971) al een briljante, door Carole King en Laura Nyro beïnvloedde songwriter, op dit meesterwerk staan veel van zijn beste composities – waaronder de hits I Saw The Light en Hello It’s Me (eerder opgenomen met zijn band Nazz), en de proto-powerpopsong Couldn’t I Just Tell You. Een jaar later evenaarde Rundgren Something/Anything? met het wat meer progressieve A Wizard, A True Star.

9. Wishbone Ash – Argus

Met het zelfgetitelde debuut en opvolger Pilgrimage hadden de progrockers van Wishbone Ash hun naam begin jaren zeventig al aardig gevestigd, maar de derde plaat Argus wordt vaak gezien als hun beste werk. In ijzersterke songs als Time Was, The King Will Come en de finale Throw Down The Sword komt de unieke combinatie van complexe songstructuren, West Coast-achtige samenzang en sensationele ‘twin guitar’-solo’s beter dan ooit tot zijn recht. Met Argus maakte Wishbone Ash een meesterwerk, maar live was de band nóg beter – zoals een jaar later bleek toen de dubbelaar Live Dates verscheen.

8. Genesis – Foxtrot

De klassieke status van Foxtrot is natuurlijk vooral te danken aan het epos Supper’s Ready, dat bijna de hele tweede plaatkant in beslag neemt. Het zevendelige, 23 minuten durende stuk bevat alle ingrediënten die het Genesis uit het Peter Gabriel-tijdperk zo briljant maakten: een onnavolgbare opbouw, schitterende melodieën en virtuoos spel. Veel fans beschouwen Supper’s Ready als het absolute hoogtepunt uit de geschiedenis van de band, maar het album heeft meer te bieden. Zo werd ook Watcher Of The Skies een fanfavoriet en krijgt gitarist Steve Hackett een moment in de spotlight met het klassiek getinte akoestische stuk Horizons.

7. Jethro Tull – Thick As A Brick

In de ogen van critici was Jethro Tulls voorgaande lp Aqualung een conceptplaat, maar daar was frontman Ian Anderson het toch niet mee eens. Dus maakte de zanger/fluitist een parodie op conceptalbums. Het resultaat was het in de beroemde krantenhoes verpakte Thick As A Brick, dat zogenaamd een muzikale bewerking was van een gedicht van de achtjarige Gerald Bostock – een fictief personage. De plaat bleek een enorm succes en in Amerika behaalde de lp zelfs de bovenste positie in de albumlijst. In 2012 kwam Anderson overigens met een vervolg op Thick As A Brick (TAAB2: Whatever Happened To Gerald Bostock?), dat hij onder eigen naam uitbracht.

6. Lou Reed – Transformer

Met de hulp van David Bowie en diens gitarist Mick Ronson als producers brak Lou Reed in 1972 door met zijn tweede soloalbum Transformer, een overduidelijk veel beter werk dan het wat lauwe titelloze solodebuut uit hetzelfde jaar (waar opmerkelijk genoeg leden van Yes aan meewerkten). Op geen enkele lp die Reed na The Velvet Underground maakte zijn zo veel klassiekers te vinden als op Transformer, waaronder Perfect Day, Vicious, Satellite Of Love en de vooral tekstueel ongewone hit Walk On The Wild Side.

5. Deep Purple – Machine Head

Er is waarschijnlijk geen hardrockfanaat die dit meesterwerk niet in de kast heeft staan. De zeven tracks op Machine Head zijn allemaal klassiekers, waaronder de eeuwige livefavorieten Smoke On The Water, Highway Star, Lazy en Space Truckin’. Even grandioos zijn de albumtracks Pictures Of Home en Maybe I’m Leo, en de heerlijke b-kant When A Blind Man Cries (te vinden op meerdere heruitgaven van Machine Head). Het scheelt eigenlijk haast niets met Deep Purple In Rock, maar als je maar één studioalbum van de band in huis haalt, is dit de meest logische keuze.

4. Neil Young – Harvest

Wie kennis wil maken met de muziek van Neil Young kan nog altijd het beste deze uiterst succesvolle plaat in huis halen. Nadat hij als lid van CSNY de supersterstatus bereikt had, gingen de vier leden solo. De Canadees van het stel bleek echter toch de populairste toen Harvest in Amerika het best verkochte album van 1972 werd en ook in Nederland wekenlang op nummer 1 stond. Bijna elke song – Heart Of Gold en Old Man in het bijzonder – groeide uit tot een Neil Young-klassieker. Overigens deden alle drie de leden van Crosby, Stills & Nash mee op Youngs plaat, net als achtergrondzangers James Taylor en Linda Ronstadt.

3. Yes – Close To The Edge

Close To The Edge is een van de essentiële albums binnen de progressieve rock en volgens veel fans het meesterwerk van Yes. De lp bevat slechts drie tracks, waarvan de titelsong bijna negentien minuten duurt en een hele plaatkant in beslag neemt. Ook de andere twee composities, And You And I en Siberian Khatru, zijn van een verbijsterende schoonheid en subliem uitgevoerd door de misschien wel allerbeste line-up die de band ooit heeft gehad. Nog voor de release vertrok drummer Bill Bruford om zich aan te sluiten bij King Crimson. Met Alan White als zijn vervanger kwam vervolgens het controversiële Yes-dubbelalbum Tales From Topographic Oceans tot stand.

2. The Rolling Stones – Exile On Main St.

De Stones hadden problemen met de belasting en besloten Engeland te ontvluchten en even naar Zuid-Frankrijk te verkassen. Daar werd gewerkt aan wat uiteindelijk het eerste en enige (het in het cd-tijdperk verschenen A Bigger Bang even niet meegerekend) dubbele studioalbum van de band werd: Exile On Main St. De critici waren na de release niet onverdeeld positief over de songs, maar fans zien de dubbelaar vaak als het allerbeste werk van hun helden. In ieder geval klonk de band daarna nooit meer zo heerlijk rauw als in songs als Tumbling Dice, Let It Loose en Loving Cup.

1. David Bowie – The Rise And Fall Of Ziggy Stardust And The Spiders From Mars

Deze monumentale David Bowie-lp wordt terecht vaak gerekend tot de beste rockplaten uit de geschiedenis. De begin dit jaar overleden superster bedacht een intrigerend verhaal rondom zijn alter ego Ziggy Stardust, dat zich vijf jaar (‘Five Years’) voor het einde van de wereld afspeelt. Ziggy probeert door middel van rockmuziek hoop te brengen en ziet zichzelf als een soort profeet tot hij uiteindelijk op het podium aan zijn einde komt (‘Rock ‘N’ Roll Suicide’). Bowie gaf later aan dat de Britse rock & roll-zanger Vince Taylor hem inspireerde om Ziggy te creëren.


Ook verschenen in 1972

In 1972 verschenen eigenlijk te veel goede platen om er maar tien uit te kiezen. Kijk alleen al naar het prog/symfo-hoekje: naast Genesis en Wishbone Ash kwamen ook Emerson, Lake & Palmer met een van hun fraaiste lp’s (Trilogy), terwijl Gentle Giant een van de sleutelplaten in het genre afleverde (Octopus) en The Moody Blues met Seventh Sojourn het laatste deel toevoegde aan wat onofficieel de ‘classic 7’-albumreeks van de band genoemd wordt.
Ook de glamrockbands vierden rond ’72 natuurlijk hoogtij, dankzij platen als The Slider van T. Rex, Slayed? van Slade en – met een beetje hulp van Bowie – de doorbraakplaat All The Young Dudes van Mott The Hoople (al rekende die groep zichzelf niet echt tot de glamscene). En laten we het uitstekende zelfgetitelde debuutalbum van Roxy Music niet vergeten!
Bryan Ferry en co. waren niet de enigen die een instant succes bleken met hun eerste plaat. Eagles maakte een eerste opstap naar wereldfaam, evenals een goede vriend van de band: Jackson Browne (Saturate Before Using). De wereld maakte ook kennis met twee bands die in op alfabet gesorteerde platenbakken dicht bij elkaar liggen: Stealers Wheel (het debuut bevat onder meer de hit Stuck In The Middle With You) en Steely Dan (Can’t Buy A Thrill). En nog niet héél erg succesvol, maar wel verdomd goed was de eerste langspeler van Blue Öyster Cult.
Naast de opkomst van BÖC gebeurde er natuurlijk nog wel meer in de heavy categorie. Status Quo presenteerde met Piledriver zijn eerste echte albumklassieker, Thin Lizzy maakte een grote kwalitatieve stap opwaarts met Shades Of A Blue Orphanage en zowel Black Sabbath (Vol. 4) als Alice Cooper (School’s Out) hielden het hoge niveau van hun vorige platen prima vast. Uriah Heep bracht maar liefst twee fantastische albums in één jaar uit: Demons And Wizards en The Magician´s Birthday.
En zo waren wel meer bands en artiesten erg productief: Frank Zappa completeerde een jazzrocktrilogie met Waka/Jawaka en het nóg betere The Grand Wazoo, en snarenvirtuoos Ry Cooder maakte indruk met Into The Purple Valley en Boomer’s Story.
Je zou het door het megasucces van Neil Youngs Harvest bijna vergeten, maar rond 1972 deden ook de andere leden van CSNY het goed. Graham Nash & David Crosby maakten een uitstekende duo-lp, terwijl Stephen Stills de nieuwe band Manassas oprichtte en daarmee debuteerde met een puike dubbelplaat die in Nederland op nummer 1 in de albumlijst piekte – om vervolgens verstoten te worden door… Neil Young! Rod Stewart werd alsmaar populairder als soloartiest, mede dankzij het in ’72 verschenen en toepasselijk getitelde Never A Dull Moment. In het Grateful Dead-kamp ontstond indrukwekkend solowerk van Jerry Garcia (Garcia) en Bob Weir (Ace).
Meer typisch Amerikaanse muziek was er van The Allman Brothers Band, die een ode bracht aan de overleden gitarist Duane Allman met een schitterende dubbel-lp bestaande uit zowel live- als studiowerk (Eat A Peach). The Doobie Brothers overtrof het debuut van een jaar eerder ruimschoots met het succesvolle Toulouse Street (inclusief o.a. de hit Listen To The Music) en ons favoriete Texaanse bluesrocktrio ZZ Top deed min of meer hetzelfde met Rio Grande Mud. Van iets exotischer aard was Caravanserai van Santana, waarop Carlos Santana meer een jazzfusion-richting insloeg.
Ze worden zelden genoemd als carrièrehoogtepunten, maar Obscured By Clouds van Pink Floyd (de sfeervolle soundtrack voor de film La Vallée) en Bare Trees van Fleetwood Mac (met afstand de beste plaat uit de periode tussen het vertrek van Peter Green en de komst van Buckingham/Nicks) verdienen hier een eervolle vermelding. En ook op Nederlandse bodem gebeurde er in 1972 genoeg. Alquin debuteerde met Marks, Golden Earring gaf ons het aardige Together en Focus maakte met dubbel-lp Focus 3 een goed vervolg op Moving Waves.