Het is precies 35 jaar geleden dat Jeff Wayne’s Musical Version Of The War Of The Worlds het licht zag. Deze uiterst succesvolle plaat – met bijdragen van onder anderen Justin Hayward en Phil Lynott – is een perfect voorbeeld van een geslaagde rockopera. Natuurlijk zijn er veel meer classic rock-platen die in dezelfde categorie vallen. Deze tien prachtplaten zijn volgens ons de beste:

10. Jeff Wayne – War Of The Worlds (1978)

De jaren 70 vormden een hoogtepunt voor zowel de progressieve rock als de disco, en Jeff Wayne besloot die twee genres op een slimme manier te combineren tot een zeer succesvol album. Bron van het verhaal: The War Of The Worlds, een boek van H.G. Wells dat vooral dankzij een aantal Amerikaanse hoorspellen (waarbij luisteraars dachten dat er echt een buitenaardse invasie gaande was) legendarisch was geworden. Naast een aantal acteurs wist Wayne ook een sterke lineup aan rockmuzikanten neer te zetten, zoals Phil Lynott, Justin Hayward en Chris Thompson. [SS]

9. Frank Zappa – Joe’s Garage Acts I, II & III (1979)

Joe’s Garage is uniek te noemen in dit lijstje, in die zin dat het album niet vanaf het begin als rockopera was bedoeld. Pas in de loop van het opnameproces realiseerde Zappa zich dat de nummers een tekstuele lijn konden hebben en besloot hij er een verhaal bij te schrijven over Joe, die een rockbandje begint, na allerlei wilde avonturen in de gevangenis belandt en gek wordt. Of zoals Zappa het zelf omschreef: “A stupid little story about how the the government is going to do away with music.” [SS]

8. The Pretty Things – S.F. Sorrow (1968)

In tegenstelling tot wat veel muziekliefhebbers waarschijnlijk denken, was The Who in 1969 niet de eerste met een rockopera. S.F. Sorrow, het meest ambitieuze en psychedelische album van The Pretty Things, was enkele maanden eerder verschenen in Engeland. De plaat vertelde het door zanger Phil May bedachte verhaal van de titelheld, van zijn geboorte (S.F. Sorrow Is Born) tot zijn dood (Loneliest Person). Het commerciële succes van de lp verbleekte bij The Who’s Tommy, maar inmiddels heeft S.F. Sorrow toch een legendarische status verworven. In 1998 werd de volledige plaat live uitgevoerd in de Abbey Road-studio, met David Gilmour als gastgitarist. [DG]

7. The Kinks – Arthur (Or The Decline And Fall Of The British Empire) (1969)

De titel van dit vroege voorbeeld van een rockopera doet misschien vermoeden dat Ray Davies over Koning Arthur heeft geschreven, maar daar is geen sprake van. De geniale songwriter liet zich voor dit concept inspireren door Arthur Anning (die op de plaat Arthur Morgan heet), de echtgenoot van Davies’ zus Rose. Tapijtlegger Morgan kijkt terug op het Engeland dat hij ooit liefhad in betoverende songs als Victoria en Shangri-La, waarmee Davies zich opnieuw een liedschrijver van het niveau Lennon en McCartney bewees. [DG]

6. Lou Reed – Berlin (1973)

Weinig platen zijn zo duister en deprimerend als Lou Reed’s Berlin. De eigenzinnige rocker schuwt thema’s als dood, prostitutie en drugs niet, wat voor veel luisteraars wellicht een zure appel was na Reed’s doorbraak met Transformer. In het controversiële The Kids worden de kinderen van een van de personages (Caroline) weggehaald, wat resulteert in ijzingwekkend gehuil. De kinderen die je hier echt hoort huilen, zijn die van producer Bob Ezrin. Hij vertelde ze dat hun moeder overleden was, een gemene streek om het gewenste, akelige effect te krijgen. Reed zelf zei later over de sessies: “We vermoordden onszelf mentaal op die plaat. We werden er zo ver in meegesleurd dat het moeilijk was om er weer uit te komen.” [DG]

5. The Who – Quadrophenia (1973)

Pete Townshend mag je gerust de meester van de rockopera’s noemen. Na Tommy bedacht hij Quadrophenia, een even geniale dubbel-lp over de jonge Britse mod Jimmy in het Brighton van de jaren zestig. De tiener heeft vier persoonlijkheden (vandaar de titel), die allemaal gebaseerd zijn op die van de bandleden van The Who. Met onvergetelijke songs als Love Reign O’er Me en 5:15 maakte de band opnieuw een meesterwerk. In 1979 verscheen een speelfilmversie van Townshend’s bijzondere concept, met alternatieve versies van de Who-tracks op de soundtrack. [DG]

4. Genesis – The Lamb Lies Down On Broadway (1974)

Goede livevideo’s van The Lamb Lies Down On Broadway, dat is nog steeds waar veel Genesis-fans naar verlangen. De tour bij het gelijknamige dubbelalbum was namelijk de meest theatrale en visueel interessante die de band ooit ondernam. Hoe kan het ook anders met het verhaal achter deze rockopera: de jonge Rael beweegt zich door New York en komt daar allerlei vreemde figuren tegen, die Gabriel deels baseerde op wat hij in zijn dromen zag. De eerste tekenen van het vertrek van de zanger waren hier overigens zichtbaar: hij was meestal niet aanwezig bij de schrijfsessies; muziek en tekst werden afzonderlijk van elkaar gemaakt. [SS]

3. The Who – Tommy (1969)

Geen enkel album was belangrijker voor het doorbreken van de rockopera als een op zichzelf staand genre, dan Tommy. En dat hoewel het verhaal over de blinde en doofstomme titelpersoon vrij losjes in elkaar zit: veel connecties tussen de opvolgende nummers zijn pas later bekend geworden, nadat bedenker Pete Townshend uitleg gaf of via andere vertolkingen van het concept, zoals de speelfilm uit 1975. Dat neemt niet weg dat Tommy, dankzij tracks als Pinball Wizard en Go To The Mirror! een album is dat ondanks het typische jaren 70-concept uitzonderlijk tijdloos is gebleven. [SS]

2. Pink Floyd – The Wall (1979)

Twee keuzes hadden de leden van Pink Floyd toen Roger Waters in 1978 met uitgebreide demo’s op de proppen kwam: het werd uiteindelijk The Wall, een uitgebreid en maatschappijkritisch stuk vol persoonlijke woede en wanhoop van Waters. Het leverde bovendien één van de grootste tournees op die de wereld tot dan toe had gezien, waarbij de bandleden grote financiële verliezen leden (behalve Richard Wright, die tijdens de opnames van het album ontslagen was en als losse kracht weer was ingehuurd) Het andere, afgekeurde concept over vreemdgaan zou uiteindelijk ook een erg sterkte conceptplaat worden: Waters’ soloalbum The Pros And Cons Of Hitch Hiking (1984) [SS]

1. David Bowie – The Rise And Fall Of Ziggy Stardust And The Spiders From Mars (1972)

De logische bovenste positie is voor deze monumentale Bowie-lp, die terecht gerekend wordt tot de beste rockplaten uit de geschiedenis. De superster bedacht een intrigerend verhaal rondom zijn alter ego Ziggy Stardust, dat zich vijf jaar (‘Five Years’) voor het einde van de wereld afspeelt. Hij probeert door middel van rockmuziek hoop te brengen en ziet zichzelf als een soort profeet tot hij uiteindelijk op het podium aan zijn einde komt (‘Rock ‘N’ Roll Suicide’). Bowie gaf later aan dat de Britse rock & roll-zanger Vince Taylor hem inspireerde om Ziggy te creëren. [DG]