John Deacon mag dan inmiddels met pensioen zijn, de vandaag 62 jaar geworden Queen-bassist is nog steeds geliefd bij velen. Geen wonder, want hij heeft een aantal baslijnen neer weten te zetten die ijzersterk in elkaar zitten en die iedereen mee kan neuriën. Een hele prestatie, vooral als je bedenkt dat de basgitaar bij het grote publiek soms wat over het hoofd gezien lijkt te worden. Daarom zetten wij onze 10 favoriete baslijnen uit de classic rock op een rij.

10. Neil Young – Tonight’s The Night

De bijblijvende bastonen die de hartbrekende, bijna angstaanjagende vocalen van Neil Young ondersteunen, werden gespeeld door Billy Talbot, die we natuurlijk kennen als de vaste bassist van Crazy Horse. Voor zowel Young als Talbot was het album Tonight’s The Night (opgenomen in 1973, maar pas twee jaar later verschenen) een emotionele aangelegenheid, want hierop betreurt de Canadese meester het overlijden van onder anderen Crazy Horse-gitarist Danny Whitten. [DG]

9. The Who – Boris The Spider

Aangezien John Entwistle onlangs nog bovenaan ons lijstje met de beste rockbassisten stond, mag hij ook hier natuurlijk niet ontbreken. Boris The Spider, te vinden op het tweede Who-album A Quick One (1966), is een van de bekendste die de bassist schreef bij de band. Het horrorachtige lied wordt gedreven door een loodzware baslijn. En ja, het is Entwistle zelf die je de naam van het beestje uit de titel hoort brullen. [DG]

8. Rush – YYZ

Eén van de meest geliefde nummers van Rush is vernoemd naar de identificatiecode van het vliegveld van Toronto, de thuisstad van de band. In het begin van het nummer spelen alle instrumenten de morsecode voor YYZ, wat een interessant muzikaal effect oplevert. Maar pas in het tweede deel wordt het bastechnisch echt interessant: een razendsnelle en melodieuze baslijn van Geddy Lee volgt, waarvoor hij alom waardering heeft gekregen. Sommige critici zijn van mening dat Lee beter speelt wanneer hij niet zingt. Het instrumentale YYZ lijkt die bewering in ieder geval te ondersteunen. [SS]

7. Ozzy Osbourne – No More Tears

Deze fijn in het gehoor liggende baslijn werd bedacht door Mike Inez, die later furore zou maken als bassist van Alice in Chains. Hij speelde echter niet op de opname van het nummer: die eer ging naar vaste Ozzy-bassist Bob Daisley. De baslijn is een belangrijk onderdeel van het pompende, ritmische karakter dat het nummer zo sterk maakt, en krijgt dankzij de intro van het nummer (waar het instrument solo te horen is) ook de spotlight die het verdient. [AM]

6. King Crimson – Elephant Talk

Ook Tony Levin, vooral bekend als sessiemuzikant (hij speelde onder meer in Peter Gabriels Sledgehammer), haalde onlangs ons lijstje met de beste bassisten. Een van zijn meest gedenkwaardige bijdragen uit zijn tijd bij progformatie King Crimson is toch wel deze totaal ongewone openingstrack van het comebackalbum Discipline (1981), waarbij Levin een geniale riff uit zijn vingers tovert. Het instrument dat hij hier bespeelt, is een zogeheten Chapman Stick, die mede dankzij deze muzikant bekend is geworden. [DG]

5. Queen – Under Pressure

Inmiddels is de baslijn van Under Pressure één van de meest populaire en bekende uit de muziekgeschiedenis. Voor vertolker en bedenker John Deacon was dat in 1981 echter wel anders. In de Queen-documentaire Days Of Our Lives legt Roger Taylor uit hoe Deacon tijdens het jammen de baslijn bedacht, vervolgens ging lunchen en bij terugkomst compleet vergeten was hoe het lijntje ook alweer ging. Taylor wist het nog wel. Gelukkig maar, want anders was het een groot gemis voor de muziekgeschiedenis geweest! [SS]

4. Led Zeppelin – Dazed And Confused

John Paul Jones’ dreigende intro van Dazed And Confused is zonder twijfel een van de bekendste baslijnen uit de rockgeschiedenis. Als vervolgens Jimmy Page inkomt met zijn doordringende gitaarnoten, weet je dat het niet lang meer duurt voordat de hel losbarst. Een prachtige liveversie van Dazed And Confused werd gespeeld tijdens de beroemde ‘Supershow’ in 1969, waarbij verder o.a. Eric Clapton, Jack Bruce en Stephen Stills optraden. [DG]

3. Pink Floyd – Money

Het is niet eenvoudig om een nummer te schrijven in zo’n aparte maatsoort (7/4), maar het is nog een stuk moeilijker om dat te doen op basis van een baslijn die ook nog eens zo natuurlijk en toegankelijk aanvoelt. Roger Waters lukte het met Money. In combinatie met het geluid van onder andere munten en kassa’s vormt de baslijn de intro van Money en werd daarmee één van de meest memorabele momenten op het toch al indrukwekkende Dark Side Of The Moon [SS]

2. Yes – Roundabout

Roundabout is al zo’n beetje in zijn eentje de reden waarom Yes-bassist Chris Squire één van de beste bassisten uit de progrock wordt genoemd. Het is niet alleen de haast funky lijn zelf die de partij zo memorabel maakt, maar ook het zo unieke en herkenbare Rickenbacker-basgeluid van Squire. De manier waarop de partij samen met de drums van Bill Bruford binnenkomt na de rustige gitaarsolo van Steve Howe, is uiterst indrukwekkend te noemen. [SS]

1. Queen – Another One Bites The Dust

Na Crazy Little Thing Called Love bereikte Queen in 1980 opnieuw nummer 1 in Amerika met Another One Bites The Dust. De schrijver van de hit, John Deacon, liet zich inspireren door het lied Good Times van discogroep Chic. Het resultaat was een funky basriff, waarschijnlijk de bekendste uit de popgeschiedenis (nou ja, samen met die van een andere Queen-song: Under Pressure). [DG]