Vandaag is de Motor City Madman, beter bekend als Ted Nugent, jarig. Vorig jaar verscheen zijn veertiende studioalbum Shut Up & Jam en daarop speelt ‘The Nuge’ een nummer met Sammy Hagar, maar verder is het een nogal matige plaat. Nugents beste albums stammen natuurlijk allemaal uit de jaren zeventig en tachtig, zoals blijkt uit de lijst hieronder.

10. Penetrator

Het achtste studioalbum van Ted Nugent heet Penetrator (een nogal seksistische, dubieuze titel) en was commercieel niet echt een succes. Het album verscheen in 1984 en werd uitgebracht door Atlantic Records. Brian Howe verzorgde de zang en de keyboards, gespeeld door Alan St. Jon, zijn duidelijk aanwezig, waardoor het typische Nugent-rockgeluid toch iets minder aanwezig was. Penetrator bevat tien nummers, waarvan Nugent zelf er slechts vijf componeerde. Het meest opvallende lied op dit album is (Where Do You) Draw The Line, geschreven door Bryan Adams en Jim Vallance. Een zeer poppy track die eigenlijk Nugent-onwaardig is.

9. If You Can’t Lick ‘Em…Lick ‘Em

Het tiende studioalbum van Nugent had alweer zo’n vrouwonvriendelijke titel, namelijk: If You Can’t Lick ‘Em…Lick ‘Em. Ook deze plaat was commercieel gezien geen groot succes. De lp verscheen in 1988 en het album piekte op plaats 112 in de Amerikaanse Billboard 200. Het bevat tien songs en negen daarvan komen uit de pen van The Nuge zelf. Het laatste nummer van het album, That’s The Story Of Love, werd gecomponeerd door niemand minder dan Jon Bon Jovi, Richie Sambora en Nugent. Die song heeft natuurlijk een hoog Bon Jovi-gehalte (zeer catchy refrein), maar de andere songs van dit album maken helaas weinig indruk.

8. Spirit Of The Wild

Het elfde studioalbum van Ted Nugent was een terugkeer naar de oorspronkelijke hardrockmuziek zoals we die kennen van zijn uitstekende platen uit de jaren zeventig. Derek St. Holmes verzorgt de vocalen weer en nummers als Tooth, Fang & Claw, Primitive Man en Fred Bear (een ode aan boogschutter Fred Bear) klinken eindelijk weer eens zoals de goede, oude Nugent-tracks. Spirit Of The Wild was tevens de themasong voor de tv-show van Nugent, die natuurlijk over jagen en schieten ging. Met Spirit Of The Wild leek het even of Nugent weer op de goede weg was, want ook het daaropvolgende album Craveman (2002) was weer een stap in de goede muzikale richting.

7. Weekend Warriors

Dit is het vierde studioalbum van de Motor City Madman. Weekend Warriors werd in 1978 uitgebracht en was een commercieel (plaats 24 in Amerika en plaats 22 in Canada) succes. Weekend Warriors is het eerste album van Nugent waarop zanger Derek St. Holmes eens niet te horen is en dat is jammer, want Charlie Huhn kan niet tippen aan de stem van Holmes. De tien nummers zijn allemaal door Nugent zelf geschreven en de beste tracks zijn toch wel Venom Soup, Name Your Poison en de titelsong. De openingstrack van Weekend Warriors, Need You Bad, werd ook als single uitgebracht, met als B-kant I Got The Feelin’ (ook van Weekend Warriors) en behaalde slechts de 84ste plaats in de Amerikaanse Billboard Hot 100. Weekend Warriors kreeg een platinastatus in Amerika en Canada, maar Nugent speelde zelden songs van dit album tijdens concerten.

6. Scream Dream

Het zesde studioalbum van Ted Nugent, Scream Dream, werd in 1980 uitgebracht door Epic Records en op deze plaat is voor de laatste keer de drummer van het eerste uur Cliff Davies te horen. De openingstrack van dit album, Wango Tango, werd meteen een van de bekendste Nugent-songs ooit. Dat nummer werd ook als single uitgebracht en piekte op plek 86 in de Amerikaanse Billboard Hot 100. Wango Tango was jarenlang een live favoriet en vooral de rap-achtige vocalen en de nogal vreemde gitaarsolo kenmerken dit zeer aparte nummer. Andere zeer goede hardrocksongs, met typische Nugent-kenmerken zijn Scream Dream, Hard As Nails en Terminus El Dorado. De tien songs zijn weer eens geschreven en gearrangeerd door The Nuge zelf en Scream Dream werd een commercieel succes voor de Motor City Madman, want het album haalde plaats 13 in Amerika, plaats 26 in Canada en plek 37 in Groot Brittannië.

5. Intensities In 10 Cities

Dit tweede livealbum van Nugent bevat tien nieuwe tracks die nog nooit op een ander album gestaan hebben. De songs zijn opgenomen tijdens de laatste tien gigs, in tien verschillende steden van de tour van 1980. Intensities was Nugents laatste album voor Epic en tevens het laatste waarop drummer Cliff Davies te horen is. Van deze lp werden maar liefst drie singles uitgebracht, te weten: Jailbait, Land Of A Thousand Dances en The Flying Lip Lock. De beste songs op dit alweer enigszins vreemde album zijn: Spontaneous Combustion (vette hardrock), The Flying Lip Lock (uptempo blues), The TNT Overture (instrumentaal) en Take No Prisoners. Land Of A Thousand Dances is de enige song die niet door Nugent is geschreven; het is geschreven door niemand minder dan Fats Domino en Chris Kenner en Nugents coverversie is best te pruimen. Intensities deed het commercieel gezien niet slecht met een 51ste plek in Amerika, een 17de plek in Canada en een 75ste plaats in Engeland.

4. Cat Scratch Fever

Het derde studioalbum van Ted Nugent met de welluidende titel Cat Scratch Fever was de doorbraakplaat voor de gitarist uit Detroit. Zanger Derek St. Holmes was na een korte afwezigheid weer terug en de twee singles van dit album, het instrumentale Homebound en de titelsong, deden het commercieel goed. Andere zeer goede en bekende nummers van dit album zijn Wang Dang Sweet Poontang, Workin’ Hard, Playin’ Hard en A Thousand Knives. Het nummer Death By Misadventure gaat trouwens over de dood van The Rolling Stones-gitarist Brian Jones. Cat Scratch Fever is vooral een goed album vanwege de lekkere gitaarsolo’s in alle nummers en de zeer pakkende refreinen van een paar songs. Cat Scratch Fever piekte in Amerika op plek 17, in Canada op 25, in Engeland op 28 en het haalde in Zweden de hoogste plek, namelijk de veertiende.

3. Free For All

De tweede soloplaat van Ted Nugent, Free For All (1976), werd zijn eerste platina-album en het bevat muzikaal gezien een paar fantastische nummers, zoals Writing On The Wall, Street Rats, Hammerdown, Dog Eat Dog en de titelsong. Tijdens de opnames van Free For All verliet zanger Derek St. Holmes de band en daarom is hij alleen nog te horen in Dog Eat Dog, Turn It Up en Light My Way. Nugent zingt het titelnummer en de overige tracks worden gezongen door niemand minder dan Meat Loaf, die destijds nog zeer onbekend was. Vooral de songs met de vocalen van Meat Loaf zijn echt fantastisch, met als hoogtepunten de bluesnummers Writing On The Wall en Together; beide vallen op door heerlijke zang en uitstekende kippenvelgitaarsolo’s. Street Rats en Hammerdown zijn twee uptempo tracks met alweer heerlijke zang van Meat Loaf en vette gitaarhooks en solo’s van The Nuge. De single Dog Eat Dog met zang van St. Holmes behaalde in Amerika slechts de 91ste plek in de Billboard Hot 100. Het album was wel succesvol voor Ted Nugent, met plek 24 in Amerika, 31 in Canada, 33 in Engeland en 14 in Zweden.

2. Ted Nugent

Nadat Nugent de Amboy Dukes verlaten had, begon hij aan een solocarrière en zijn eerste soloalbum noemde hij zeer origineel Ted Nugent. Deze lp verscheen in 1975 en zijn band bestond toen uit: Derek St.Holmes (zang), Rob Grange (basgitaar) en Cliff Davies (drums). Het album bevat een aantal klassieke Nugentsongs, zoals Strangehold, Stormtroopin’, Just What The Doctor Ordered en Motor City Madhouse, die jarenlang op de setlist zouden blijven staan. Stranglehold werd ook als single uitgebracht, maar dit fantastische nummer, tevens het beste van dit album, is vooral bekend vanwege de heerlijke lange gitaarsolo van Nugent. De andere acht nummers zijn jaren ’70 classic rock-tracks met uitstekend gitaarwerk, goede zang en pakkende hardrockmelodieën. Nugents solo debuut deed het commercieel gezien meteen erg goed met plek 28 in Amerika en plek 56 in Engeland en in 2005 werd het album geplaatst op plek 487 in 500 Greatest Rock & Metal Albums of All Time. De gitaarsolo in Stranglehold staat trouwens op plek 31 in de categorie beste gitaarsolo’s ooit van het magazine Guitar World.

1. Double Live Gonzo

Double Live Gonzo, uitgebracht in 1978, is absoluut het beste album van Ted Nugent. De elf songs op deze dubbel-lp, behalve Baby, Please Don’t Go, zijn geschreven door Nugent en zijn klassieke hardrocktracks. Vooral de fantastische langere versies van songs als Great White Buffalo, Hibernation, Stormtroopin’, Stranglehold, Wang Dang Sweet Poontang en Motor City Madhouse zijn bijna magisch goed te noemen. Op Double Live Gonzo laat Nugent echt horen dat hij gewoon een fantastische gitarist is. Het instrumentale Hibernation, dat maar liefst zestien minuten klokt, is waarschijnlijk het hoogtepunt van dit dubbelalbum. Maar ook de kippenvel bezorgende gitaarsolo’s in Stranglehold en Motor City Madhouse mogen er zijn. Ted Nugents interactie met het publiek is zeker ook noemenswaardig; zo zegt hij voor Wang Dang Sweet Poontang begint: “Anyone who wants to get mellow can turn around and get the fuck out of here”. Of voor Hibernation: “this guitar is guaranteed to blow the balls off a charging rhino at sixty paces”! Double Live Gonzo is met uitstek het beste Nugent-album en live-klassieker die makkelijk kan concurreren met Live And Dangerous (Thin Lizzy), Strangers In The Night (UFO) en Live Dates (Wishbone Ash). Commercieel was het ook een succes; 13 in Amerika, 11 in Canada, 47 in Engeland en 24 in Zweden.