5. Pink Floyd – The Dark Side Of The Moon

Het achtste studioalbum van Pink Floyd is tevens het bekendste en meest verkochte album van de band. The Dark Side Of The Moon is volgens ‘kenners’ het meest complete conceptalbum ooit, verder is het ook een nogal ambitieus werkstuk en natuurlijk ook een commercieel album. The Dark Side Of The Moon is het enige Floyd-album met de perfecte balans tussen de cynische teksten van Waters en de muzikale genialiteit van Gilmour. Sommige critici noemen Dark Side zelfs het equivalent van het album Revolver van The Beatles. Het concept is gebaseerd op het idee dat het moderne leven een recept voor krankzinnigheid is en dat de mensheid hard moet vechten om aan die waanzin te ontsnappen. De teksten van Waters, in zes weken geschreven trouwens, zijn voor de eerste keer in de historie van de band eens simpel en direct, en de opnames vonden plaats in studio 2 van de Abbey Road-studio’s, met ondersteuning van Alan Parsons. Het album opent en eindigt met het geluid van een kloppend hart en nummers zoals Time, Money (ook uitgebracht als single), Us And Them (stamt eigenlijk uit de Zabriskie Point-sessies van 1969!) en het instrumentale Any Colour You Like behoren tot het beste wat Floyd ooit op plaat heeft gezet. On The Run heette in eerste instantie The Travel Sequence en is een prachtige geluidscollage, ook wel omschreven als een meesterwerk van zweterige, op dood geïnspireerde paranoia… Brain Damage heette oorspronkelijk The Dark Side Of The Moon en is geïnspireerd door Syd Barrett, voormalig Pink Floyd-zanger/gitarist. Het enige minpuntje is het door Richard Wright gecomponeerde The Great Gig In The Sky, persoonlijk heb ik dat altijd een draak van een nummer gevonden en ook Waters, Gilmour en Mason waren in eerste instantie niet echt onder de indruk. Zonder dat nummer was The Dark Side Of The Moon een absoluut meesterwerk geweest en had dit album zeker op nummer 1 in deze lijst gestaan. De lp was een direct commercieel succes, verkocht meer dan 27 miljoen exemplaren en stond maar liefst 760 weken in de Amerikaanse charts.

4. Genesis – Selling England By The Pound

Het vijfde studioalbum van Genesis, Selling England By The Pound, verschijnt op 13 oktober 1973 en het is het meesterwerk van deze Engelse progrockgigant en een van de hoogtepunten uit de progrockgeschiedenis. Selling England By The Pound, prachtige titel trouwens, bevat een paar muzikale parels van de eerste orde. Het album opent met het fantastische Dancing With The Moonlit Knight. De mellotronklanken van Tony Banks, de emotionele vocalen van Peter Gabriel en de heerlijke gitaarsolo van Steve Hackett maken dit nummer tot een van de beste van Genesis ooit. De succesvolle single I Know What I Like is een leuke opstap naar het volgende hoogtepunt Firth Of Fifth, want dat nummer bevat een van de mooiste en beste gitaarsolo’s van Hackett. Verder zijn de epische songs The Battle Of Epping Forest (11 minuten) en The Cinema Show (ook 11 minuten lang) absolute hoogtepunten in het oeuvre van de band. Het album klinkt anno 2017, 44 jaar later, nog altijd zeer goed en zeker niet gedateerd. De muziekpers was helaas toch niet altijd even lovend over het album, maar Steve Hackett ziet Selling England By The Pound als zijn favoriete Genesis-album en Rush-drummer Neil Peart roemde het album vooral vanwege het meer dan uitstekende drumwerk van Phil Collins. Commercieel gezien was Selling England een succes met plaats 3 in Engeland en plaats 70 in Amerika. De single van het album, I Know What I Like (In Your Wardrobe), haalde in Engeland plaats 21 en was daarmee de eerste succesvolle single van Genesis.

3. Pink Floyd – Animals

Het adembenemende tiende studioalbum van Pink Floyd, Animals, verschijnt op 23 januari 1977 en op 17 februari van dat jaar heb ik tijdens de In The Flesh Tour, ook wel bekend als The Animals Tour, het hele album mogen aanschouwen en horen in Sportpaleis Ahoy te Rotterdam. Ik was betoverd en sinds dat weergaloze concert is Animals wat mij betreft het beste, ook helaas meest ondergewaardeerde Floyd-album. Het is eigenlijk gewoon weer een conceptalbum en Waters gebruikte het Orwell-motto uit Animal Farm (“All animals are equal, but some animals are more equal than others”) als thema met betrekking tot de teksten. Hij gebruikt de honden, de varkens en de schapen als allegorische parallellen voor de mensen zoals Waters ze in de maatschappij observeerde. De honden zijn diplomatieke, agressieve roofdieren, de varkens zijn slimme, tirannieke moralisten met hebzucht naar macht en de schapen zijn neurotische, passieve meelopers, oftewel de ‘gewone mensen’, uitgebuit door de varkens. De harde en cynische teksten op Animals verschillen nogal van de teksten op oudere Floyd-albums; ze zijn duidelijk en gericht aan bepaalde groepen en thema’s; of zoals Waters zei: “I was trying to get away from the blobs”. Animals is het eerste album van Pink Floyd waarop de muziek een secundaire rol speelt; de donkere en cynische teksten staan duidelijk op de voorgrond. Verder is Animals een mijlpaal in de carrière van Pink Floyd, niet alleen vanwege de magische muziek maar ook zeker vanwege de overweldigende hoes van Hipgnosis. Het opblaasbare varken, volgens Waters het symbool voor hebzucht en macht, dat boven de energiecentrale van Battersea (Londen) vliegt, is uniek en fenomenaal gefotografeerd. Muzikaal gezien zijn vooral de scheurende en messcherpe gitaarsolo’s van Gilmour (Dogs) van een bovennatuurlijke schoonheid en originaliteit. De gitarist zelf noemt de solo’s op Animals zijn beste en meest suggestieve leadgitaarsolo’s ooit. Dogs, oorspronkelijke titel You Got To Be Crazy (1974) is een briljant stuk Floyd-muziek, vergelijkbaar met Echoes en Shine On You Crazy Diamond, waarin vooral Gilmour de hoofdrol vervult. Waters beschrijft de honden als moordende huursoldaten die alles willen hebben en bezitten. Elk couplet van Pigs (three different ones) beschrijft een ander soort varken, waarbij vooral de laatste interessant is, want Waters heeft het daar duidelijk over Mary Whitehouse, die bekend stond destijds om haar campagne voor censuur op radio en tv in Engeland. Waters noemt haar een gefrustreerde bemoeial: ‘a house proud town mouse!’ Het laatste lange nummer Sheep, ook wel bekend als Raving And Drooling is in feite een mini-Animal Farm-song waar uiteindelijk de schapen (de geëxploiteerde massa) in opstand komen en de honden doden! Waters zei over de tekst van Sheep: “Sheep was my sense of what was to come in England.” De twee korte, akoestische songs Pigs On The Wing Part 1 en 2 zijn kleine liefdesliedjes voor Waters nieuwe echtgenote Carolyne Christie en het zijn de twee enige optimistische tracks. Waters rekent Animals tot een van de beste Floyd-albums, maar Wright vond het maar matig, terwijl de muziekpers best lovend was. Er werden geen singles uitgebracht, maar wel een 8-track cartridge cassette die aan het einde, na Pigs On The Wing Part 2 dus, weer direct van voren af aan begon.

2. Rush – Moving Pictures

Moving Pictures is het achtste en tevens beste studioalbum van Rush en het verschijnt op 12 februari 1981 via Anthem Records. De plaat bevat zeven songs en is een zogenaamde herlancering, een reïncarnatie van de band waarbij de technische vaardigheden en geraffineerde manier van songs schrijven de aandacht weer volledig van de luisteraars opeisen. Thematisch gezien is Moving Pictures een autobiografisch album, met de focus op het feit hoe de band zich voelde en om moest gaan met de sterk groeiende populariteit. Het gaat over de vervreemding die de fans aan Rush ‘opdringen’, zoals drummer Neil Peart zei: “They force us to check into hotels under false names, they force us to have sceurity guards to keep people away from us.” Dit komt onder meer duidelijk naar voren In Limelight: ‘Living on a lighted stage approaches the unreal’. Moving Pictures is een muzikaal meesterwerk, rijk aan diversiteit en het album is eigenlijk een muzikale reis in de evenwichtige bronnen van de mainstream rock zonder de muzikale kernwaarden van de band uit het oog te verliezen. Het is het eerste Rush-album waarop Geddy Lee’s stem ‘afgezwakt’ is en zijn vocalen niet meer zo hoog zijn. Moving Pictures opent met de bekendste Rush-song aller tijden, Tom Sawyer en dat nummer zou het album naar ongekend succes leiden. De titel van deze achtste studioplaat is een voorbeeld van de geschakeerde complexiteit die je in bijna elke Rush-song ook terugvindt. Alex Lifeson vond Moving Pictures een heerlijk album om te maken en de plaat was commercieel meteen een succes. De plaat piekte op plaats 1 in Canada en op plek 3 in Amerika en Engeland en het is nog steeds het best verkochte album van de heren Lee, Lifeson en Peart. Moving Pictures leverde drie singles op: Tom Sawyer (plaats 44 in Amerika en plaats 25 in Engeland), Limelight (plaats 4 in Amerika) en Vital Signs (plaats 41 in Engeland). Deze lp is een must voor iedere progrock-afficianado, een dijk van een rockalbum en misschien ook wel een plaat die de heren nooit meer zullen overtreffen…

1. Yes – Close To The Edge

In oktober 1972 koop ik mijn allereerste plaat: Close To The Edge, het vijfde studioalbum van Yes. Ik beluister het album elke dag en de plaat groeit bij elke luisterbeurt, en uiteindelijk kom ik tot de conclusie dat dit gewoon het ultieme progrockalbum is. Het is een monumentaal, adembenemend, briljant werkstuk. Vooral de majestueuze titelsong, gecomponeerd door Jon Anderson en Steve Howe, heeft een zeldzame, bijna magische intensiteit van de eerste tot de laatste minuut. De inspiratie voor deze eerste Yes-epic, die meer dan 18  minuten klokt, vond Jon Anderson in het boek Siddartha van Herman Hesse. De tekst is een zoektocht naar zelfontplooiing en veel zinnen en stukken tekst zijn gerelateerd aan dromen en feitelijke gedachten over de ‘reis’ van het leven. Volgens Anderson zijn het allemaal metaforen en bevat het nummer vooral veel positieve en hoopvolle boodschappen. Close To The Edge begint en eindigt met geluidseffecten en dat was een technische uitdaging van de eerste orde, terwijl de finale van het nummer uitmondt in een progressieve muzikale achtbaan. De combinatie van de psychedelische, lyrische teksten en hymne-achtige, melodieuze vocalen van Anderson sluiten naadloos aan bij de meest wrede en uitdagende instrumentale passages uit de rockmuziek: de jazzfusion-achtige drumfinesse van Bill Bruford, de klassieke keyboardklanken en melodieën van Rick Wakeman, Steve Howe’s eclectische gitaargeweld en Chris Squire’s golvende basgitaarspel. De twee andere tracks And You And I en Siberian Khatru zijn ook echte Yes-klassiekers. And You And I, geschreven door Anderson, Bruford, Howe en Squire begint met een akoestisch gitaarintro en kent een aantal orkestrale pieken en prachtig ’12 string’-gitarenspel van Howe. And You And I is een nummer over een droom en de song is ook weer beïnvloed door Herman Hesse. Siberian Khatru, gepend door Anderson, Howe en Wakeman, is een dynamische, intense orkestratie met een snel openingstempo en een paar heerlijke gitaarsolo’s. Het nummer heeft een zeker innovatief aspect, want Howe mixt tijdens Siberian Khatru steel guitar met normale elektrische gitaar. Close To The Edge is een muzikaal meesterwerk en het is essentieel om het album meerdere malen te beluisteren voordat je het echt begint te waarderen. Steve Howe vindt dat dit nog steeds een van de beste Yes-lp’s is die de band ooit opnam, maar Bill Bruford verliet de band direct nadat het album klaar was. De cover van Roger Dean is buitengewoon prachtig en past meer dan uitstekend bij de muziek. Hij ontwierp voor Close To The Edge ook het beroemde Yes bubble-logo, dat nog steeds door de band gebruikt wordt. Dit album is de heilige graal van de progressieve rock en als je daar nu nog niet van overtuigd bent, moet je maar eens het boek van Will Romano lezen, met als bijtitel: How Yes’s Masterpiece Defined Prog Rock.

Pages: 1 2 3