Classic Rock Mag licht elke week de cruciale momenten uit de carrière van een legendarische band of artiest uit. Welke songs, optredens of gebeurtenissen achter de schermen zijn van grote invloed geweest op de loopbanen van deze iconen? Deze week werpen we een blik op de wonderbaarlijke geschiedenis van Mike Oldfield.

1. Children Of The Sun: The Sallyangie

Veel mensen denken dat Tubular Bells de eerste plaat van Oldfield was, maar al vier jaar eerder, in 1969, lag er een lp van de Brit in de winkels. Toen nog niet solo, maar als duo met zijn zus Sally onder de naam The Sallyangie. Rond die tijd had Oldfield al langere tijd de wens om professioneel muzikant te worden en in verschillende bandjes gespeeld. Ook had hij naar verluidt zelfs al instrumentale stukken klaar die qua opzet hintten naar zijn meesterwerken uit de jaren 70. Op het album van The Sallyangie is daar echter weinig van te merken: de songs daarop zijn rechttoe-rechtaan folkliedjes. Nog datzelfde jaar ging het duo uit elkaar.

2. Discovery: Kevin Ayers & David Bedford

Twee mensen die al vroeg in Oldfield geloofden waren Kevin Ayers en David Bedford. Ex-Soft Machine-zanger Ayers haalde Oldfield in 1970 bij zijn begeleidingsband The Whole World, waar hij de basgitaar en soms de leadgitaar ter hand nam. Deze periode zou Oldfields blik op het tourleven voor lange tijd vormen. Later zei hij in een interview: “Ik vond er niks aan. Ik dronk te veel, we hadden geen geld en we reden in een busje zonder ramen.” Wel leerde hij in The Whole World toetsenist David Bedford kennen, die later verschillende orkestrale arrangementen voor hem zou maken. Het was Bedford die Mike Oldfield ervan overtuigde serieus werk te gaan maken van een compositie waar hij mee bezig was: het latere Tubular Bells. Met een van Kevin Ayers geleende taperecorder nam Oldfield een eerste demo op.

3. Plus… Tubular Bells!: Richard Branson geeft Oldfield een kans

Een nieuwe belangrijke ontmoeting zou al snel volgen: die met Richard Branson. Na het opnemen van enkele demo’s zocht Oldfield een platenmaatschappij die het werk wilde uitbrengen en de jonge Branson, die op het punt stond zijn Virgin Records op te richten, zag daar wel wat in. Oldfield kreeg de kans om in opnamestudio The Manor te werken aan zijn album en nam in een week het hele eerste deel op. Oorspronkelijk was Breakfast In Bed één van de werktitels van Tubular Bells en er was zelfs al een hoes voor (die in 1991 in aangepaste vorm de cover van Oldfields plaat Heavens Open zou gaan vormen). Toen ‘master of ceremonies’ Vivian Stanshall echter de woorden ‘tubular bells’ uitsprak in zijn aankondiging aan het eind van Part 1, wist Oldfield dat dat de titel van het stuk moest worden.

Branson & Oldfield

4. Pickles On My Glockenspiel: Het veranderen van een albumtitel

Het derde album van Oldfield had bijna een belachelijke naam gehad: Pickles On My Glockenspiel was de werktitel van wat uiteindelijk Ommadawn werd. Waarom wij die naamsverandering een cruciaal moment uit de carrière van Mike Oldfield vinden? Omdat je toch moeilijk iemand met een dergelijk absurde albumtitel serieus kan nemen en het dus maar goed is dat het veranderd werd. Ommadawn is overigens een fonetische spelwijze van het oud-Ierse ‘amadan’, dat zoiets als ‘idioot’ betekent. Overigens vond er tijdens het maken van Ommadawn nog een significante verbetering plaats: de oorspronkelijke opnames moesten worden overgedaan omdat er een probleem was met de band, waarschijnlijk als gevolg van alle overdubs. Die eerste versie verscheen een aantal jaar geleden op een re-issue, en is toch beduidend minder meeslepend dan de uiteindelijke opname. Dat is zelfs ons favoriete muziekstuk van Oldfield.

5. Talk About Your Life: De Exegesis-therapie

In 1978 was Oldfield al toe aan zijn vierde album, maar op tournee was hij nog nooit geweest. Dat lag deels aan zijn hekel aan het leven onderweg (zie hierboven ook het verhaal van zijn tijd bij Kevin Ayers) maar ook aan zijn geestelijke gesteldheid. Oldfield leed aan podiumangst, depressies en sociale stoornissen. En hoewel dat grotendeels zijn vroege muzikale werk heeft gevormd (Ommadawn klinkt nou niet bepaald als het product van een vrolijk rondhuppelend persoon en juist dat maakt de plaat zo sterk) vond hij het blijkbaar toch tijd voor verandering: hij besloot om de controversiële therapie Exegesis te ondergaan. Het werkte: Oldfield werd assertiever en ging zelfs voor het eerst op tournee. Sommige stukken van zijn vierde album Incantations zijn vóór het ondergaan van de therapie gemaakt; anderen erna. Diehard-fans claimen dat ze hierin verschil kunnen horen.

6. Make Make: De commerciële periode

Eind jaren 70 begonnen de verhoudingen tussen Oldfield en Virgin wat gespannen te raken. Het label bleef pushen om meer commerciële nummers te krijgen en Oldfield was er niet blij mee dat Virgin zo weinig aandacht voor hem had en veel meer promotie deed voor acts als Sex Pistols. Het kwam uiteindelijk tot een soort ‘gentlemans agreement’: albums als Five Miles Out en Crises bevatten één plaatkant waar Oldfield helemaal los kon gaan op lange instrumentale composities zoals op zijn eerdere werk, en daarnaast een plaatkant waarop hitparadegevoelige liedjes stonden. Dat laatste leverde bepaald niet zijn beste werk op, maar met Moonlight Shadow en To France wel de nummers die naast Tubular Bells het meest door het grote publiek gekend worden.

7. Conflict: Weg bij Virgin

Toch hielp het allemaal niet om de ergernissen die er over en weer tussen Oldfield en Virgin waren weg te nemen. De spanningen liepen zo op dat Amarok uit 1990 zelfs vooral gemaakt lijkt om de platenmaatschappij te zieken: het album zit zo a-commercieel mogelijk in elkaar, bevat een aantal schrikeffecten (Oldfield kwam er in een interview openlijk voor uit dat hij hoopte dat toenmalig Virginmanager Simon Draper het album in zijn auto zou luisteren en zich dood zou schrikken van het onverwachte lawaai) en een morsecode die vertaald “Fuck You RB” betekent, waarbij RB uiteraard staat voor Richard Branson. Een lekkere trap na kwam ook nog toen Oldfield weg was bij Virgin: waar hij altijd gepusht werd om een vervolg op Tubular Bells te maken en dat altijd weigerde, was zijn eerste release bij zijn nieuwe label WEA…: Tubular Bells II!

8. Into Wonderland: Music VR

Interesse in computers heeft Oldfield altijd al gehad, en vooral in de combinatie muziek en virtual reality heeft hij zich regelmatig ondergedompeld. In 1986 maakte hij in samenwerking met Commodore al een digitale versie van Tubular Bells, waarmee een versimpeld arrangement van het album door de geluidschip van de Commodore 64 werd afgespeeld. Met The Songs Of Distant Earth kwam hij in 1993 met een van de eerste ‘enhanced cd’s’: een album waar ook video’s opstonden, die in dit geval enkel op een Mac waren af te spelen. Het grootste project vond echter begin deze eeuw plaats: met Music VR maakte Oldfield een eigen computerspel waarin virtual reality en muziek werden gecombineerd. De nummers op zijn albums Tr3s Lunas (2002) en Light + Shade (2005) stammen voor een groot deel uit dit project.

9. In High Places: Olympische Spelen

Met zijn optreden tijdens de openingsceremonie van de Olympische Spelen in Londen wist Oldfield zichzelf vorig jaar weer even goed in de kijker te spelen bij het grote publiek. Het was voor het eerst in jaren dat de Brit weer op het podium stond en de vraag naar zijn muziek steeg de volgende dag meteen explosief. Een goede timing: Oldfield werkt op dit moment aan een nieuwe rockplaat en is al enkele jaren bezig om al zijn albums opnieuw uit te brengen, vaak met 5.1-mixen en een keur aan interessant outtake-materiaal. Na een aantal zowel kwantitatief als kwalitatief erg matige jaren, kan dit zomaar eens heel veel moois gaan betekenen voor de liefhebber…!