Classic Rock Mag licht elke week de cruciale momenten uit de carrière van een legendarische band of artiest uit. Welke songs, optredens of gebeurtenissen achter de schermen zijn van grote invloed geweest op de loopbanen van deze iconen? Om onze speciale Kiss-dag af te sluiten, werpen we dit keer een blik op de wonderbaarlijke geschiedenis van… Kiss!

1. Kissin’ Time: Wicked Lester wordt Kiss

De oorsprong van Kiss is te vinden in de band Wicked Lester, waar Gene Simmons en Paul Stanley samen in zaten. Dat overigens tot hun eigen ongenoegen: het tweetal wilde een verandering van muzikale en visuele stijl, om zo ‘de ultieme rockband’ te kunnen worden. Het lukte ze echter niet om hun medebandleden daarvan te overtuigen, dus werden in de maanden erna achtereenvolgens drummer Peter Criss en gitarist Ace Frehley gerekruteerd. Geïnspireerd door Alice Cooper en de glamrockscene in die tijd, wilde de band al snel een eigen visuele stijl neerzetten. Het dragen van gewone make-up bleek echter niet voldoende, zo zou Gene Simmons later verklaren: “Wij waren daar veel te lang voor, het was gewoon niet overtuigend! We zagen er uit als travestieten, terwijl we buitenaards wilden overkomen.” En dus werd er een schepje bovenop gedaan en was de kenmerkende schmink van Kiss begin 1973 een feit.

2. Larger Than Life: Kiss Army en merchandise

“Onze fans zijn alles voor ons”, zei Gene Simmons in 2009 in een interview, “De Kiss Army is legendarisch en inmiddels iconisch. Elke andere band op aarde kent de Kiss Army, en ze zouden hun testikels willen afstaan om ook zoiets te hebben.” Het verhaal van deze loyale fanbase begon toen de jonge rockfanaat Bill Starkey uit Terre Haute, Indiana in 1975 voor het eerst Kiss live zag optreden. De band blies hem omver. Samen met zijn schoolmaat Jay Evans werd hij fan en probeerde hij Kiss-songs op de lokale radio te krijgen. De zender WVTS weigerde: de hoofdredacteur vond Kiss “another New York fag band”(!), maar Starkey en Evans hielden vol en noemden zichzelf op een gegeven moment ‘The Kiss Army’. De zender besloot toch toe te geven en al snel belden luisteraars om te vragen hoe ze lid konden worden van deze in eerste instantie onofficiële fanclub. Ondertussen maakten de twee fans ook hun eigen Kiss T-shirts en ander fanmateriaal. Uiteraard werd merchandise later een belangrijk onderdeel van het succes van de band. Tegenwoordig kun je de meest onvoorstelbare Kiss-gerelateerde items aanschaffen: van actiefiguurtjes tot… toiletpapier!

3. Rock And Roll All Nite: Alive!

Voordat Alive! verscheen hadden de rockgoden van Kiss al veel van hun beste songs uitgebracht op de eerste drie albums Kiss (1974), Hotter Than Hell (1974) en Dressed To Kill (1975). Commercieel gezien liep het allemaal wat minder, ondanks dat de platen flink gepromoot werden door platenmaatschappij Casablanca en Kiss als liveact een indrukwekkende reputatie opbouwde. Misschien is het juist daarom wel dat de definitieve doorbraak met een livealbum kwam. Niet alleen het album deed het goed, ook de liveversie van Rock And Roll All Nite (in tegenstelling tot de albumversie met een geweldige gitaarsolo) werd een succes. Er wordt vaak gezeurd over de overdubs op Alive! (1975) en honderd procent ‘live’ is het album net zoals veel andere live-releases inderdaad niet, maar wat geeft het als een track als Black Diamond nog veel beter klinkt dan in de studioversie?

4. In Your Face: The Paul Lynde Halloween Special

Dankzij de albums Alive! en Destroyer – voor veel fans de beste die de band ooit maakte – behoorde Kiss in 1976 tot de populairste rockacts. Maar aangezien we nog niet in het MTV-tijdperk waren beland, wist buiten de concertgangers nog niemand hoe spectaculair de liveoptredens van het viertal waren. Tot enkele dagen voor Halloween 1976 een televisiespecial van acteur Paul Lynde door ABC uitgezonden werd. Daarin kondigde de heks uit The Wizard Of Oz de band aan, gevolgd door drie nummers van de lp Destroyer (waaronder de single Detroit Rock City). Het was een – letterlijk – explosief optreden waardoor veel (jonge) kijkers zich hoogstwaarschijnlijk direct bekeerden tot de ‘Kiss Army’. Paul Stanley keek met veel genoegen terug naar de show in een interview met het blad Goldmine: “Van alle tv-shows die we deden, vond ik die van Paul Lynde het leukst om te doen. Het zag er ontzettend cool uit.”

5. Got To Choose: Soloalbums

Was het een artistieke noodgreep of een commerciële meesterzet? Of misschien een beetje van beiden? Op 18 september 1978 lagen er vier soloplaten van de leden van Kiss in de schappen. Nog niet eerder had een band op deze manier gelijktijdig solowerk uitgebracht. Hoewel er zeker een commercieel plan achter de vier platen heeft gezeten (ze waren al eerder contractueel vastgelegd en er werd een indrukwekkende marketingcampagne ter waarde van 2,5 miljoen dollar tegenaan gegooid) leek de voornaamste reden om individueel de studio in te gaan toch het verlichten van de creatieve spanning te zijn. Met name voor Ace Frehley en Peter Criss was dit een kans om zichzelf te bewijzen en een album te maken zoals zij dat wilden. Beiden waren ontevreden met hun input in de band. Lees hier meer over de vier soloplaten.

6. Dance All Over Your Face: Discosucces

Was het uitbrengen van I Was Made For Lovin’ You een manier om mee te liften op het megasucces van een commercieel genre, of juist een lekkere sneer naar datzelfde commerciële genre? Volgens Paul Stanley dat laatste: “We wilden laten zien hoe makkelijk het was een discosong te maken.” Voor de meeste fans doet dat er niet toe, die vinden I Was Made For Lovin’ You hoe dan ook een twijfelachtig Kiss-nummer. Nu waren er wel meer rockgroepen die in die tijd een discoplaat maakten (denk aan Miss You van The Rolling Stones), maar geen enkele scoorde er zijn grootste hit aller tijden mee. En dat deed Kiss wel: I Was Made For Lovin’ You is bij het grote publiek ongetwijfeld de meest bekende song van de band. Overigens was ook Gene Simmons aanvankelijk niet enthousiast, maar hij wilde het nummer opnemen juist omdat het totaal niet als Kiss klonk. Het hele discogebeuren was echter al snel weer voorbij; niet alleen op plaat, maar ook live. I Was Made For Lovin’ You komt nog steeds voorbij bij Kiss-optredens, maar al sinds begin jaren 80 in een veel rockender arrangement.

7. I Want You: Eddie Van Halen als gitarist van Kiss?

Ace Frehley was niet te spreken over het weinig succesvolle conceptalbum Music From “The Elder” (1981) en hij overwoog uit de band te stappen (uiteindelijk gebeurde dat pas in december 1982). Zoals we enkele weken geleden al vermeldden bij de cruciale momenten uit de carrière van Van Halen, bood Eddie Van Halen in 1982 aan om de nieuwe gitarist van Kiss te worden. Zo zei Gene Simmons in een interview met A.V. Club: “Hij kwam langs tijdens de opnames van Creatures Of The Night en hij had genoeg van [David Lee] Roth. Hij zei: ‘Ik verlaat de band, zoeken jullie nog een gitarist?’” Simmons raadde de stergitarist aan om bij Van Halen te blijven, ondanks het onderlinge geruzie binnen die band. Uiteindelijk nam de minder bekende Vinnie Vincent de plaats in van Frehley, hoewel zijn voorganger nog op de cover van het album Creatures Of The Night (1982) prijkte.

Gene&Eddie

8. Take It Off: Kiss verschijnt zonder make-up in MTV-special

Het succes van Kiss zakte begin jaren tachtig in, ook al was Creatures Of The Night de sterkste plaat in jaren. Hoog tijd dus voor een nieuwe opleving in de loopbaan van de tot dan toe (bijna) nooit onbeschilderd geziene rockers. Het ‘ontmaskeren’ in een speciale televisieuitzending op 18 september 1983 bleek een slimme zet. In een interview met MTV verschenen de vier bandleden (inmiddels dus met Vinnie Vincent als guitarist) voor het eerst zonder make-up. De uitzending was een succes, want het grote publiek kreeg weer interesse in Kiss. Zo bleek toen de vandaag precies dertig jaar geleden verschenen lp Lick It Up stukken beter verkocht werd dan de voorgangers. Lees hier meer over de MTV-special.

9. Strange Ways: Grungy sound

Een echte ‘love it or hate it’-plaat binnen het oeuvre is het verrassend rauwe Carnival Of Souls: The Final Sessions. Hierop lijkt Kiss te willen meeliften op het succes van grungeacts die met name in de vroege jaren negentig hoogtij vierden (hoewel de band er in 1997 behoorlijk laat mee aan kwam zetten). Voor de productie schakelden Paul Stanley, Gene Simmons, Bruce Kulick en Eric Singer zelfs producer Toby Wright in, vooral bekend van zijn werk met o.a. Alice In Chains. In een interview zegt Wright: “In die periode wilde Gene trends volgen: hij had een oog voor de bands die rond die tijd succesvol waren in de muziekindustrie. Ik weet nog dat ik een discussie met hem had, waarbij hij me vertelde dat hij Kiss wilde laten klinken als Smashing Pumpkins! Dat verbaasde me. Ik zei hem: ‘Je bent een legende, waarom zou je als iemand anders willen klinken?’” Ook al was de sound iets minder ‘typisch Kiss’ dan normaal, op Carnival Of Souls staan nog steeds uitstekende songs, zoals Master & Slave:

10. Comin’ Home: Reünie

Eén van de redenen dat de band met Carnival Of Souls zo laat inspeelde op de grungesound, is dat de plaat al anderhalf jaar op de plank had gelegen. Er kwam namelijk even iets anders tussen: een reünie met de originele lineup van de band. Al in 1995 voegden Ace Frehley en Peter Criss zich weer bij Kiss op het podium tijdens een optreden bij MTV Unplugged, maar het was in februari 1996 dat het oorspronkelijke viertal met een knal weer bij elkaar kwam tijdens de Grammy Awards. Het betekende na jaren ook de definitieve terugkeer van de zo herkenbare make-up. Wat volgde was een reünietour en in 1998 het album Psycho Circus, dat in de markt werd gezet als een plaat met de oorspronkelijke lineup, maar waar in werkelijkheid Criss en Frehley nauwelijks op te horen zijn. In 2001 verliet Criss de band weer. Eind dat jaar zou Kiss er ook mee ophouden, maar dat liep uiteindelijk anders. Nog steeds is de band (inmiddels ook weer zonder Frehley) een graag geziene liveact en met Sonic Boom en Monster zijn er afgelopen jaren ook weer twee studioplaten verschenen. Gene Simmons heeft de band nog hooguit vijf tot tien jaar, maar Kiss is in ieder geval voorlopig nog niet uitgerockt!