In 1992 bestaat het titelloze debuutalbum van Bob Dylan precies dertig jaar. In datzelfde jaar verscheen Good As I Been To You, een folkalbum waarmee Dylan naar zijn muzikale roots terugkeerde. De cirkel van Dylans carrière leek rond. Reden voor een feestje in Madison Square Garden.

Voor dat feestje werd een keur van collega’s van Dylan uitgenodigd. Zij werden gevraagd ‘to pay tribute to Bob Dylan through his own songs,’ aldus spreekstalmeester Kris Kristofferson. De datum voor het feestje was 16 oktober 1992. Vlak voor de finale van de avond, waarbij alle artiesten Knockin’ On Heaven’s Door speelden, speelde Dylan met wat intiemere vrienden een versie van My Back Pages.

Dylan zelf, Roger McQuinn, Tom Petty, Neil Young, Eric Clapton en George Harrison namen ieder een couplet voor hun rekening. Daarbij mochten ‘Slowhand’ en Young een gitaarsolo verzorgen, elk op hun eigen herkenbare wijze. Voor het arrangement van het nummer, viel de gelegenheidsformatie terug op de versie van The Byrds uit 1967.

De hoofdgast van de avond leek weinig blij tijdens het concert. Misschien was hij niet enthousiast over de stellingname dat hij op zijn retour zou zijn; niet geheel ten onrechte, overigens. Of misschien was Dylan met zijn gedachten bij de notaris, die zijn tweede huwelijk op een rechtvaardige manier moest ontbinden – niet echt een gebeurtenis om blij van te worden.

Of misschien was Dylan niet blij met de reactie van het publiek, omdat zij Sinead O’Connor uitfloot toen zij eerder op de avond haar bijdrage aan het feest wilde geven. Hoe vaak was Dylan zelf niet uitgefloten toen hij afwijkende keuzes maakte?

Hoe enthousiast Dylan zelf wel of niet was, getuige de woorden van Neil Young was de avond een geweldig groot ‘Bobfest’. En daar moeten we het mee doen.