Als we de soundtrack voor het Charles Bronson-vehikel Death Wish II (1982) even niet meerekenen, verscheen op 19 juni 1988 het eerste en enige volwaardige soloalbum van rockgod Jimmy Page. De plaat werd destijds niet goed ontvangen, maar hoe kijken we er 25 jaar later op terug?

Door een onfortuinlijke speling van het lot werd Outrider niet het soloalbum dat Page in eerste instantie voor ogen had. Nadat de niet al te succesvolle ´supergroep´ The Firm (met o.a. Paul Rodgers) uit elkaar ging, begon de gitaarheld met het opnemen van demo’s. Hij had genoeg materiaal voor twee soloalbums, maar jammer genoeg werden de demo’s gestolen door iemand die hij dacht te vertrouwen.

De sessies voor Outrider resulteerden in ‘slechts ‘ één lp en wat veel critici betrof, was dat al meer dan voldoende. Het album maakte ook een wat rommelige indruk, het vormde niet echt een geheel. Dat kwam mede door de verschillende gastzangers die Page voor zes van de negen songs uitnodigde. John Miles zong en schreef mee aan de twee niet al memorabele openers Wasting My Time en Wanna Make Love, terwijl Chris Farlowe zijn uiterste best deed om Page’s Led Zeppelin-collega Robert Plant te imiteren in de bluesnummers op kant twee: Hummingbird, Prison Blues en Blues Anthem. Ook de drie instrumentals (waarvan Writes Of Winter nog het beste is) voldeden niet aan de hoge verwachtingen die velen logischerwijs hadden van de snarenmeester.

Een klein lichtpunt is The Only One, waarvoor Robert Plant kwam opdagen. Deze aardige rocksong doet de oude Led Zeppelin-magie niet helemaal terugkeren, maar na de mislukte reünieoptredens van de legendarische rockband was het goed om te horen dat Page en Plant samen nog iets goeds konden voortbrengen. In hetzelfde jaar leverde Page overigens een gastbijdrage aan Plant’s soloalbum Now And Zen.

Het best vermakelijke maar nergens overdonderende Outrider verscheen op 19 juni 1988 op het Geffen-label. Ondanks het overduidelijke talent van alle betrokkenen (ook drummer Jason Bonham en bassist Tony Franklin speelden mee op de plaat), vielen zowel de ontvangst van critici als de verkoop van de lp tegen. In een interview ten tijde van de release zei de stermuzikant: “Ik besloot terug te gaan naar mijn roots in plaats van het proberen van iets nieuws. Ik denk dat dat de eerste stap is richting een sterke solocarrière. Ik zei tegen mezelf: ‘Ik ga zo roekeloos mogelijk zijn en doen waar ik echt in geloof: ter plekke spontane muziek maken. Om eerlijk te zijn gingen we bij Led Zeppelin ook zo te werk.”

Page gaf in 1988 nog een aantal concerten in Engeland en Amerika ter promotie van Outrider (met John Miles als zanger, bassist Durban Laverde en drummer Jason Bonham). In de jaren negentig zou de gitarist zich herpakken: eerst met een samenwerking met Whitesnake’s David Coverdale, daarna als duo met Plant. Van soloplaten is het niet meer gekomen, hoewel Page daar in hetzelfde interview als hierboven nog wel voor openstond: “Mijn tweede album zal ik heel anders benaderen. Ditmaal zal ik niet ter plekke in de studio iets bedenken. Ik zal het echt plannen. Ik zal mijn best doen om een sound te creëren.”

Nu nog een reünie van Led Zeppelin onwaarschijnlijk lijkt, heeft Page weer tijd om aan eigen muziek te werken. Vorig jaar zei hij nog tegen BBC Radio dat hij al wat ideeën had voor eigen werk: “Ik kijk ernaar uit om wat muziek te maken en mensen ermee te verrassen. Ik heb al langere tijd een idee en nu is de tijd rijp om er iets mee te doen.” Mocht Page daadwerkelijk een nieuw soloalbum in de planning hebben, moet het in ieder geval niet al te moeilijk zijn om de voorganger te overtreffen.

Bekijk ook onze lijst met de tien beste songs van Jimmy Page na Led Zeppelin.